Huwlijksdatum gezocht van Willem Blom en Joanna Kortenhorst
Ton,
zoals je ongetwijfeld weet, was Willem bij zijn overlijden in 1818 boer.
Dat hij dus net als zijn vader (aanvankelijk) veekoopman was,
lijkt me in dit geval stukken aannemelijker.
En mijn theorie wordt daardoor onaannemelijk.
PS.
Zijn zus Adriana, geboren en overleden in Alphen,
is eenmaal doopgetuige in Steenwijkerwold.
Als het voor Adriana geen probleem was, om
even uit Alphen over te komen, dan denk ik,
dat het niet nodig is, om voor de verhuizing van
Willem een vergezochte verklaring te zoeken.
PPSS
Is je bekend, dat Bouwe Blom in 1787 ook in Steenwijk was?
Op 17 april 1787 verscheen Jan Wichers uit Zuidveen voor
de schout van Steenwijkerwold. Hij vertelde `dat hij bekentelijk een coopman
in peerden sijnde, en zijn zoon Wicher Jans bij hem in huis woond en dese
coopmanschap voor hem dan ook waarneemt.' Nu had Wicher in het afgelopen
jaar op 26 juli op de markt van Beusekom aan de koopman Bouwe Blom voor
90 gulden een zwarte merrie verkocht. Blom had echter 27 gulden op de
koopsom ingehouden, `op pretext [= voorwendsel] dat het eene ooge van
het peert dik was, dog dat wanneer hetselve weder dun wierde het geld
soude stuuren met de coopman Wolter Wagter, dog zoo het niet dun wierde,
dat te samen souden accordeeren [= overeenkomen] hoeveel geld hij minder
zoude betalen als de coop van 90 gulden.' Jan Wichers had verwacht dat
hij nog wel iets over de zaak zou hebben gehoord, maar dat was niet het
geval geweest. Hij had zich hierover zeer verbaasd, `als hebbende diergelijke
sentimenten nooyt in Blom gesogt.' Zijn verwondering was nog meer toegenomen,
toen hij van een andere koopman had gehoord dat die het paard van Blom
had gekocht `en hetselve niets manqueerde.' Nu was Blom gisteren in Steenwijk
gesignaleerd, waarna Jan Wichers ervoor had gezorgd dat de man door enkele
gerechtsdienaren als wanbetaler was opgepakt. Wichers vroeg het gerecht
Blom op te leggen hem de 27 gulden alsnog uit te keren. Hiermee houdt
de zaak op, want we komen - zoals zo vaak in dit soort gevallen - geen
uitspraak van de rechtbank tegen. Waarschijnlijk hebben de partijen om
een kostbare en tijdrovende procedure te voorkomen een minnelijke schikking
getroffen. (RAO, Schoutambt Steenwijk, inv.nr. 79.)
Last but not least: wat ik schreef over Ariaantje
geldt ook voor Willems stiefmoeder Maria Blommenstein.