stamboomforum

Forum logoFora » Gezochte familienamen in NL » Horst (van den of van der) in Wagenberg of Terheijden omstreeks 1600

De reclame wordt alleen getoond aan bezoekers, niet aan gebruikers die inloggen.

Mijn verst gekende voorouder is Cornelis van den Horst. 

Hij werd geboren omstreeks 1580 in Wagenberg (NB) en overleed er op 19 januari 1660.

Hij trouwde met Jenneke(n) Cornelisse(n).

Zij kregen (voor zover geweten) vijf kinderen:

- Adrianus Cornelissen van der Horst (1);

- Adriaan Cornelissen van den Horst (2);

- Jacomina Cornelii van den Horst (3);

- Joost Cornelissen van den Horst (4);

- Cornelis Cornelissen van den Horst (5).

Van 1,3 en 4 zijn afstammelingen gekend, terwijl 5 geen kinderen had.

Ik ben op zoek naar de (voor)ouders van Cornelis van den Horst.

Tot op heden heb ik geen enkele spoor gevonden.

Dank aan degenen die mij hierbij verder zouden kunnen helpen

Michel van der Horst

Michel,

ik heb voor het gemak van de forumleden je webpagina er even bij gepakt: https://www.genealogieonline.nl/stamboom-van-der-horst-van-wagenberg-tot-de-moerdijk/I1.php

Daar staan toch wat dingen in, die vragen oproepen.

Er waren twee zoons Adrianus. De een is geboren rond 1610, de ander rond 1658.

Jacomina kreeg een dochter in 1663. Dat is wel laat, als haar vader is geboren rond 1580.

Er zijn nog wat andere kleinigheden, maar misschien moet je eerst bovenstaande vermeldingen nog eens tegen het licht houden.

Zou het kunnen, dat Adrianus(2) en Jacomina kinderen waren van Cornelis Cornelisz?

groeten, Jan

Jan Clavaux

Allo Jan,

Thanks voor deze snelle reactie.

Hier mijn commentaar.

Voor sommige data hebben wij gecontroleerde gegevens vanuit de DTB's:

- Overlijden Cornelis van den Horst op 19 Jan 1660

- Huwelijk Adrianus Cornelissen  van der Horst op 4 Mei 1630;

- Huwelijk Jacomina van den Horst op 21 Dec 1663;

- Doop Cornelius Stappers (zoon van Jacomina) op 12 Apr 1665 (en niet van een dochter in 1663)

Andere data moet men van hieruit afleiden en zijn maar benaderend.

Veel heb ik ook gevonden in de opzoekingen gedaan door Cor van der Horst, die spijtig genoeg in 2014 is overleden. In mijn boek staan ze als volgt opgesomd:

Begin citaat:

Cornelis van den Horst werd geboren circa 1580 in Wagenberg.  Hij overleed op 19 Jan 1660 in Terheijden.

Cornelis trouwde met Jenneken Cornelissen.

Uit dit huwelijk werd, ondermeer, een zoon geboren: Adrianus Cornelissen van der Horst, geboren circa 1610 en gedoopt in de Noort onder Terheijden.

De naam van Cornelis wordt eerst vernoemd op 9 maart 1648 omdat hij zijn paard verloor. Hij had namelijk borg gestaan, samen met een zekere Bacx, voor Cornelis Matthijssen Rouw. Die kon zijn schulden niet betalen en dus werd het paard (of de paarden) van Cornelis Cornelissen aangeslagen en verkocht. Hij kreeg echter wat uitstel uit ‘mededoogenheidt ende vrientschap’

Maar de financiële problemen van Cornelis en zijn gezin blijven duren:

Op 18 april 1655 leent hij honderd Rijnsguldens van twee soldaten die dienen op het fort in de compagnie van Commandant Smidts.

Op 2 september 1659 lenen Cornelis en Jenneken Cornelissen, ‘sijne huisvrouwe, deijde op Wagenberch wonende’, 200 gulden. Jenneken staat hiervoor borg met het derde part dat zij heeft in de ‘steede, huisinge, schuere ende toebehoorten’, met in totaal drie bunders (ongeveer 3 ha) land waarvan zij het vruchtgebruik heeft, maar toekomend aan haar kinderen, en waarop zij als man en vrouw samenwonen aan de Clippenlenbossche straat. De helft van dit vruchtgebruik is bestemd voor de kinderen van Mathijs Matijssen de Jonge ‘alias jongh Rouw Thijs’.

De waarde van één gulden van toen komt ongeveer overeen met 20€ van vandaag.

Mathijs Mathijssen Rouw was de vader van Cornelis Matthijssen Rouw, hierboven genoemd, die zelf een zoon was van Jenneken Cornelissen. Hij was herbergier (of tavernier) in Terheijden, maar twee eigendomsoverdrachten tonen ons aan dat hij schulden had bij de brouwer.

Jenneke was dus de weduwe van Mathijs Mathijssen Rouw en was hertrouwd met Cornelis van den Horst. De lening die zij aanging was dus deels bestemd voor de kinderen uit haar eerste huwelijk.

Een maand na het overlijden van Cornelis van den Horst verkopen zijn erfgenamen openbaar zijn percelen grond. Er bestaat een omvangrijk verslag van deze verkoop, met inbegrip van de condities en de regels van het spel, zoals bv.:

  • De inzetters en verhogers krijgen een strijkgeld, maar moeten een godspenning afstaan voor de armen.
  • Boven het koopbedrag moeten de kopers een rantsoen betalen waarmee de verkopers de vertering op de zitdagen betalen.
  • Men spreekt van mijnen, koopsleg, veste (koopoverdracht),...
  • Elke koper is verplicht twee borgen te stellen.

Er worden twee zitdagen gehouden, natuurlijk in de herberg van Cornelis Thijssen Rouw, op 26 februari en 20 maart 1660, in ambtshalve aanwezigheid van schout en schepenen.

Het wordt een vurig spel van loven en bieden: de vorster (een soort veldwachter), de brouwer, familieleden (Cornelis Rouw, oom Jan Tielemans Merten Pieren) en vele anderen gooien zich in de strijd.

Een stuk zaailand van een halve bunder op Wagenberg wordt voor 420 gulden verkocht aan Frans Janssen van Doren. Moeder Jenneken heeft echter, volgens testament, rechten op het vruchtgebruik van de grond. Na het oplossen van dit probleem wordt er op de goede afloop van de zaak uitvoerig gedronken.

Verder gaan nog onder de hamer: een halve bunder zaailand onder de Hoge Zwaluwe, verkocht voor 230 gulden aan Cornelis Huijbercht Damen, één gemet (iets minder dan een halve hectare) weiland onder Terheijden, verkocht voor 40 gulden, een partij hakhout voor vijf gulden en vijf stuivers, enz.

Volgens Wikipedia is één gemet waarschijnlijk gelijk aan de oppervlakte van het zaailand dat een koppel paarden kan omploegen tussen zonsopgang en zonsondergang. Dit is een gemiddelde, omdat het land dat bewerkt moest worden ook zwaarder of lichter kon zijn voor een paard. Met deze oorspronkelijke groottebepaling is de gemet vergelijkbaar met de in Angelsaksische landen veelgebruikte acre, zij het dat daar het werk van een os per dag ten grondslag aan de maat ligt.

De betalingen voor deze kopen worden in de akte bevestigd door Cornelis Adriaensen van den Horst, Cornelis Mathijssen Rouw voor zijn moeder en Adriaen Huijbregts Damen, die Jenneken vertegenwoordigt.

Jenneken moet natuurlijk de lening van 200 gulden kunnen terugbetalen. In de kantlijn van de verkoopakte staat dat er een regeling zal getroffen worden. Op 10 mei 1660 wordt een document opgesteld, waarin sprake is van ‘hare stede, huijsinge, schuurtje, ende toebehoorte, groot int geheel drie buijnders’.

In een akte van 6 juni 1661 wordt Jenneke nu Jenneke Adriaens genoemd ‘weduwe laestmael van Cornelis Cornelissen van den Horst’. Waarschijnlijk was haar volledige naam Jenneken Cornelissen Adriaenssen.

Uit dit document blijkt dat Jenneke nog een andere zoon heeft: Dingeman Mathijssen Rouw. Zij schenkt hem een bruine merrie met veulen en ploeg, een eg, een wagen met toebehoren. Dit alles krijgt hij voor ‘verscheijdene gedaene diensten, travails ende arbeijt’. Als tegenprestatie moet hij wel één jaar lang haar boerenwerk doen zoals ploegen, zaaien, ‘vruchten inhaelen’ en ook paard en veulen in haar weiden verzorgen. Hij mag echter niets bijkomend verlangen.

Einde citaat

Thanks nogmaals voor je opmerkingen en nog veel genealogisch plezier.

Michel

Michel van der Horst

Michel,

dank je wel voor je uitgebreide bronvermeldingen.
Ik hoop dat de forumleden nu meer aanknopingspunten hebben, om je verder te kunnen helpen.

groeten, Jan

Jan Clavaux


Hi Jan

Thanks voor dit bericht.

Ik hoop inderdaad hulp te vinden bij forumleden ter plaatse.

Informatie van voor 1600 online opzoeken is bijna onmogelijk. Maar het is bijna de enige oplossing die mij overblijft vanuit België.

Hopen dus dat een plaatselijk forumlid mij verder kan helpen.

Groetjes

Michel

Michel van der Horst







Plaats een reactie

Om reacties (en nieuwe onderwerpen) te plaatsen op het Stamboom Forum dient u eerst in te loggen! Nog geen lid? Registratie is gratis en snel!