Dag Frans, zeer veel dank voor je uitgebreide reactie!! Maar jij denkt dus niet dat ik buiten deze akte nog achter de waarheid omtrent deze moord kan komen dan? En er werden dus als ik jouw goed begrijp heel veel remissies verleend? Ook vaak zonder tot een zoenoffer te zijn gekomen met de nabestaanden van het slachtoffer dan? Ook dank omtrent de opheldering m.b.t. de standaardprocedure!!
Verder vind ik je laatste reactie erg interessant!! Ik ben als volgt tot de conclusie gekomen dat we hier met de juiste Trijntgen te maken zouden moeten hebben:
- 28-4-1592 koopt de zelfde Arent Aelbrechtsz. 9 hont land van Jan Lenaertsz. als voogd van moederszijde en Cornelis Ariensz., won. in Vrieslandt, als vader en nog uit naam van Trijntgen Cornelisdr., achtergelaten dochter van Wijve Lenaertsdr.. Liggende dit land aan het voorland van Aernt Aelbrechtsz. voornoemd (onderzoek Verbeek)
(hier wordt Vrieslandt onder Spijkenisse bedoeld)
- Nr. 604 folio 121v. d.d. 29-06-1632. Jan Simonsz. Hoochstadt schepen van Vlaardinger-ambacht weduwnaar Trijntgen Aelbrechtsdr. die erfgenaam was van Neeltgen Jansdr. weduwe Aelbrecht Arentsz. haar moeder, in dezelve nagelaten goederen bij kaveling te beurt gevallen de navolgende rentebrief voor de ene helft, Aelbrecht Jansz., Dirck Hendricxz. gehuwd met Jannetgen Jansdr., Pieter Jansz. en Claes Jansz., vervangende Phillips Lenertsz. gehuwd met Maertgen Jansdr. kinderen van de voorn. Trijntgen Aelbrechtsdr., voor de andere helft, constitueren Cornelis Sijmonsz. wonende Berkel, om te Hillegersberg te transporteren t.b.v. Adriaen Davitsz. Coorenwinder secretaris te Berkel, de rentebrief sprekende op Arijen Claesz. Dorp in dato 10-03-1613, inhoudende f 6-15-00 per jaar. Link: http://www.hogenda.nl/wp-content/plugins/hogenda-search/download_attachment.php?id=2998&type=source
Ik liet eerder al zien bij een eerder hier door mij genoemde akte dat Cornelis Aertsz en Aelbrecht Aertsz door hun moeder Machteld Claesdr gmeachtig werden, bij bovenstaande 2 aktes ziet men dat zowel Cornelis Aerts als Aelbrecht Aerts hun dochters 'Trijntgen noemde', als ik in de link: unentsefamiliesdeel1 (Beschrijvingen, stambomen en verhalen van families uit Udenhout en Biezenmortel, die er omstreeks 1840 woonden en er nu nog altijd wonen.) kijk naar hoe men in Nederland vroeger (en nu nog steeds, althans bij mij in de familie) hun kinderen naar familieleden vernoemd dan krijgen we het volgende:
1e zoon grootvader: vaders vader 2e zoon grootvader: moeders vader 3e zoon oom: vaders oudste broer 4e zoon oom: moeders oudste broer 5e zoon oom: vaders 2e broer 6e zoon oom: moeders 2e broer enz. enz. 1e dochter grootmoeder: moeders moeder 2e dochter grootmoeder: vaders moeder 3e dochter tante: moeders oudste zus 4e dochter tante: vaders oudste zus 5e dochter tante: moeders 2e zus 6e dochter tante: vaders 2e zus enz. enz.
En ik haal er nu ook de volledige aktes bij van Machtelt Cornelisdr die dus een dochter moet zijn geweest van Cornelis Aertsz:
Rechtelijk archief Zegwaart
Nr. 85 folio 59 d.d. 13-05-1579. Gerrijt Cornelisz. Molen en Cornelis Jansz. Spit voogden geassisteerd met Jacob Duijst te Delft als mede voogd van Gerritgen Jacobsdr., Maritgen Jacobsdr. en Leentgen Jacobsdr., achtergebleven weeskinderen van Jacob Jan Japen en Machtelt Cornelisdr. beiden zaliger, in leven wonende tot Katwijk in de venen binnen Zegwaart. Zij hebben als voogden met believe van de schout van Zegwaart, Adriaen Jacob Arlewijnsz. en Adriaen Dircxz. kuiper weesmeesters van Zegwaart en Zoetermeer, verkocht aan Jaroen Zevertsz. een woning als huis, erf, schuur, barg, poting en planting met 2 morgen land daarachter gelegen, strekkende van de Molenweg tot de erfgenamen of weduwe van Thees Dirck Jannen, belend ten NO: de weduwe van Adriaen Cornelis Aertsz. en ten ZW: de Zegwaartse zijlsloot. Nog 1 morgen land gelegen als voren, strekkende van de Molenweg tot de Berkelse Kasloot, belend ten NO: de erfgenamen van Frans Pietersz. van Overschie en ten ZW: Adriaen Ariensz. gorter. Nog 1 morgen land, strekkende van Aeltgen weduwe Lenert Sijmonsz. gorter tot Jeroen Zevertsz. voorsz., belend ten NO: Crijn Michielsz. lapper en ten ZW: Adriaen Pietersz. Slim met zijn ingelanden. Nog een stuk land van 9 hond in Pijnacker, strekkende van de Katwijkse watering tot Borger Joesten, belend ten NO: de Hueijter en ten ZW: Jan Adriaensz. gorter. Nog een perceel land van 11 hond in Pijnacker, strekkende van de Achter Katwijkse watering tot de weduwe van Adriaen Cornelis Aertsz., belend ten NO: Adriaen Pietersz. Slim en ten ZW: de weduwe van Sijmon Crijnen. Nog een stuk land van 10 hond in Berkel, strekkende van de weduwe van Cornelis Aelbrechtsz. te Berkel tot de bruikwaar van Borger Joesten, belend ten N: Claes Arentsz. met zijn ingelanden en ten Z: de Pijnackerse kade. Belast de woning en landen met een erfpacht van £ 2 gr. vlaams, tegen de penning 16, te ontvangen door Neeltgen Tonisdr. Nog een lijfrente van £ 2 gr. vlaams, het pond voor f 6, staande op 2 personen, toekomende Anna Fierlincxs weduwe Arien van Lavelle. Zij bekennen in de voorn. kwaliteit hiervan voldaan te zijn met een kustingbrief, door Jeroen Zevertsz. heden verleden t.b.v. de weeskinderen
Nr. 86 folio 60 d.d. 13-05-1579. Jeroen Zevertsz. buurman te Zegwaart is schuldig aan Grietgen Jacobsdr., Maritgen Jacobsdr. en Leentgen Jacobsdr., weeskinderen van Jacob Jan Jaepen en Machtelt Cornelisdr. beiden zaliger, geassisteerd door Gerrit Cornelisz. Molen, Cornelis Jansz. Spit als gerechte voogden en Jacob Duijst te Delft als mede voogd, de somme van f 1.208 carolus ter zake van de koop van een woning als huis, erf, schuur, barg, poting en planting met 2 morgen land daarachter gelegen, strekkende van de Molenweg tot de weduwe of erfgenamen van Thees Dirck Jannen, belend ten NO: de weduwe van Arien Cornelisz. Aerts en ten ZW: de Zegwaartse zijlsloot. Nog 1 morgen land gelegen als voren, strekkende van de Molenweg tot de Berkelse Kasloot, belend ten NO: de erfgenamen van Frans Pietersz. en ten ZW: Adriaen Ariensz. gorter. Nog 1 morgen land gelegen als voren, strekkende van Aeltgen weduwe Lenert Sijmonsz. gorter tot Jaroen Zevertsz. voorsz., belend ten NO: Crijn Michielsz. lapper en ten ZW: Adriaen Pietersz. Slim met zijn ingelanden. Nog een stuk van 9 hond in Pijnacker, strekkende van de Katwijkse watering tot Borger Joesten, belend ten NO: de Hueijter en ten ZW: Jan Adriaensz. gorter. Nog een perceel land van 11 hond in Pijnacker, strekkende van de Achter Katwijkse watering tot de weduwe van Adriaen Cornelis Aertsz., belend ten NO: Adriaen Pietersz. Slim en ten ZW: de weduwe van Sijmon Crijnen. Nog een stuk land van 10 hond in Berkel, strekkende van de weduwe van Cornelis Aelbrechtsz. te Berkel tot de bruikwaar van Borger Joesten, belend ten N: Claes Arensz. met zijn ingelanden en ten Z: de Pijnackerse kade. Te betalen met f 200 gereed en de rest op f 120 per jaar. Indien de weeskinderen komen te huwen dient hij te betalen als bruidstuk de somme van f 6 carolus. Hij verbindt hieraan de voorn. woning en landen. en al zijn andere goederen. Kanttekening d.d. 26-07-1588: Jeroen Zevertsz. is in handen gesteld de principale schuldbrief waarop de volle betaling is aangetekend, ergo afgelost.
Dan zou ik alles ik alles heel strikt interpreteer Frans voor Cornelis Aertsz in ieder geval tot de conclusie moeten komen dat bovenstaande Machtelt Cornelisdr getrouwd met Jacob Jan Jaepen dan haar oma Machteld Claesdr moeten zijn vernoemd!!
Of het moet natuurlijk zijn dat ik het heel erg mis heb en dat de moeder van moordenaar Aernt Aelbrechts zoon van Berckel ook Machteld heette net als de vrouw van Aernt Aelbrechts zoon van Berckel!! In dat geval zou zij dus de 2e dochter moeten zijn geweest!! Hetzelfde geld dan voor Trijntgen!! Of de moeder van Aernt Aelbrechts zoon van Berckel heette dus of Machteld of Trijntgen!! Feit is natuurlijk wel dat bij Machteld Claesdr de voornaam Machtelt al in de familie voorkwam daar zij deze naam al droeg, maar hoeveel zussen zij dus had weet ik niet zoals ik hierboven al schreef zodat ik hier zodoende geen reconstructie van kan maken!!
Wat trouwens ook interessant is dat ik eveneens een Claes Arentsz in de akte zie!! Dit zou wel een probleem voor mij oplossen. Immers Aelbrecht Aerntsz getrouwd met Neeltgen Jansdr moet dus overduidelijk de oudste zoon van Aernt Aelbrechts zoon van Berckel zijn geweest!! Maar de 2e zoon zou naar zijn opa van moederskant zijn vernoemd!! en dit was Claes de vader van Machteld Claesdr!! Ik heb hier nog een andere akte van de zoon van de vermoedelijke zoon van Claes Arentsz gevonden:
9-6-1561: Cornelis Cornelisz. Versijden, schout-, Lenart Vranckenz., Pouwels Jacopsz., Pieter Jansz., Adriaen Jansz. Langhelaen, Huybrecht Jorisz., Jacob Jacobsz., en Cornelis Cornelisz. Ouwerkerck, gezworenen te Berckel, oorkonden dat Arent Claesz. in het Noorteynde aldaar verkoopt aan Frans Pietersz., poorter te Delff, een jaarrente van 24 karolus gulden, te los sen de penning 16, verzekerd op 20 hond land in het Noorteynde aldaar binnen weg, strekkende van de Berckelse weg tot Adriaen Adriaensz. Gorter, belend ten noorden: Thonis Dircxz. en ten zuiden: Leendert Cornelisz.; en op 14 hond land buitenweg, strekkende van de weg tot Pieter Heynesz., belend ten noorden: de koper en ten zuiden: Leendert Cornelisz. Borgen: dezelfde als in de vorige acte (f. 76v).
2-5-1562: Cornelis Cornelisz., Versijden, schout-, Adriaen Claesz., Pieter Daniëlsz., Claes Adriaensz., Symon Fransz., Jan Lenartsz., Huych Maertsz. en Aelwijn Cornelisz., gezworenen te Berckel, oorkonden dat Arent Claesz., wonend in het Noorteynde aldaar, verkoopt aan Frans Pietersz., poorter te Delff, een jaarrente van 12 karolus gulden van 40 groot te lossen de penning 16, verzekerd op 23 hond land in ’t Noorteynde aldaar binnen weg, strekkende van de Berckelse weg tot Adriaen Adriaensz. Ghorter, belend ten noorden: Thonis Dircxz., ten zuiden: Leendert Cornelisz.; en op 14 hond buitenweg, strekkende van de weg tot de bruikwaar van Pieter Heynisz., belend ten noor den: de koper, ten zuiden: Lenardt Cornelisz. met bruikwaar. Borgen: Pouwels Arentsz. in de Cromme te Berckel en Jan Arentsz. te Berchambacht in Laeg Rotte (f. 75). 37.
Pouwel Arentsz en Jan Arentsz treden op als borg in de akte en meestal ziet men dat familieleden dit doen, doch zij kunnen geen familie zijn omdat het 3e kind naar de oudste broer van Machtelt Claesdr genoemd zou moeten zijn in dat zou in dit geval dus Claes moeten zijn, Arnt aelbrechts Van Berckel en Machteld Claesdr hadden in dat geval dan 2 zonen met de naam Claes moeten hebben gehad!!
Of we hebben deze 4e zoon met de naam Claes Arendsz met dezelfde naam in dat geval als de 2e zoon Claes Arentsz nog niet gevonden hebben of over het hoofd hebben gezien, in dat geval zijn Pouwel Arentsz en Jan Arentsz wel degelijk kinderen van Aernt Aelbrehtsz en Machteld Claesdr, in dat geval zouden of Pouwel of Jan naar een zoon van hun oom genoemd moeten zijn, maar dat kan kan alleen als Cornelis Aertsz nog kinderen heeft gehad en dan ook nog eens een 'Aernt' Cornelisz en een Claes Cornelisz als oudste zonen en Pauwel of Jan en de ander zou dan vernoemd moeten zijn naar de zoon van een broer van Machteld Claesdr of van Aelbrecht Arntdsz Van Berckel de moordenaar als deze broers dan überhaupt bestaan heeft!!
We zien een bewijs van een mogelijke zoon van Cornelis Aertsz hier:
(inv.nr. 22, 37). 363. 6-4-1565: Jan Jacobsz. Bruser, schout-, Adriaen Claesz. en Pouwels Jacopsz., gezworenen te Berckel, oorkonden dat Bonifaes Simonsz. aldaar verkoopt aan Frans Cornelisz. Kivit en zijn 4 zusters te Rotterdam een jaarrente van 12 karolus gulden, te lossen de penning 16, verzekerd op 3 morgen land bij de Breeweg, strekkende van de Berckelse weg tot aan de stiefkinderren van de verkoper, belend ten zuiden: Gerrit Simonsz., ten noorden: Wolphert Pietersz.; op de helft van 2 morgen rietland in Roerijs, belend ten oosten: Arendt Cornelisz., ten westen: Pieter Sybrantsz., ten noorden: Cornelis Cornelisz. Ouwerkerck en ten zuiden: Pieter Zijbrantsz. en Hubrecht Jorisz. Afgelost door Cornelis Jorijsz. op 27-1-1592 (inv.nr. 22, fo 38).
Hypothetische stamboomreconstructie:
Aelbrecht (zijn patroniem zou dan Cornelis moeten zijn?)
\ ene Machtelt of Trijntgen (zij moet dan het patroniem Arentsdr hebben gehad)
__________ __\/__________
I I
Cornelis Aernt Aelbrechts zoon van Berckel Machtelt Claesdr
(de bekende moordenaar dus) /
____________________________\/_______ __________
I I I
(1e kind) Aelbrecht Aertsz (2e) kind Claes Arentsz (3e kind) Cornelis Aertsz
X Neeltgen Jansdr X Wijve Lenaertsdr
Was de Cornelis Aelbrechtsz die dan de oudste broer van Aernt Aelbrechts zoon van Berckel moet zijn geweest wellicht dezelfde Cornelis Aelbrechts die op 13-05-1579 al was overleden dan??? het lijkt allemaal wel heel precies in mekaar te vallen Frans!!
Maar dat betekent dan ook dat Aernt Aelbrechts zoon van Berckel (de moordenaar) de 2e zoon was en naar zijn opa van moederskant moet zijn vernoemd!! In dat geval kan jouw goed kloppen Frans. Want was de Trijntgen Arentsdr uit Zoeterwoude die in 1578 weduwe was van Cornelis Meijnertsz dan wellicht niet de tante van Aernt Aelbrechts zoon van Berckel (de moordenaar?? Het zou qua benoemingen van de kinderen in het gehele schema wel precies kloppen!!
Wat opvalt is dat ook zij dan een broer Cornelis Aertsz had!! Als dit dan weer haar enigste en dus oudste broer was dan moet hun vader 'Aert' dus ook Cornelis hebben geheten!!! Dan rijst de vraag of de hypothetische stamvader Aelbrecht die dan het patroniem Cornelisz moet hebben gehad wellicht nog een broer Aert had?? Want in dat geval zou Trijntgen dan met haar oom getrouwd moeten zijn geweest?? Dat was in deze tijd normaal toch? Zulke huwelijken om familiebezit bij elkaar te houden?
Een ander opmerkelijk detail is dat mijn Cornelis Aertsz, de broer van Aelbrecht Aertsz en dus de zoon van Machteld Claesdr nooit met de titel 'meester' werd vermeld maar ik er hieronder wel eentje tegenkom heel vroeg in de tijd:
XVII. HET BURGERWEESHUIS TE s’GRAVENHAGE H.H. Het archief van de Fundatie van Renswoude
22-10-1564: Jan Jacopsz. Bruyser, schout-, Jan Aertsz. en Jan Nannez., gezworenen te Berckel, oorkonden dat Cornelis Harreweyer aan de Oude Lan gendijck te Delft, verklaart dat hij aan de weeskinderen van Frans Duyst Fransz. heeft verkocht een jaarrente van 200 karolus gulden, te lossen de pen ning 16, en stelt zekerheid op de helft van een woning met 30 morgen land in Roerijs te Berckel, gemeen met zijn zwager Pieter van der Goes, afkomstig van meester Cornelis Aertsz., verpacht aan Jacop Cornelisz. Leeu, n.1. 22 morgen, belend ten oosten: Jacop Dircxz. en Machtelt, weduwe van Symon Jansz., ten westen: Alewijn Cornelisz., Jacop Dircxz., Willem Pietersz., Huych Maertijnsz., Gerrit Symonsz. en Jacop Cornelisz. Leeu met eigen of bruikwaar, strekkende van de Roerijse kade tot aan de watering; 5 morgen land, belend ten oosten: Cornelis Cornelisz. Ouwerkerck, ten westen: Jacop Lenertsz. en Cornelis Cornelisz. Ouwerkerck, ten zuiden: de Vuyt, ten noor den: de watering: 3 morgen land, belend ten zuiden: Jacop Lenertsz., ten noorden: Jan Jacobsz. Bruyser, schout, ten oosten: Pieter Sybrantsz., ten westen: de Cromme watering, en op de helft van het huis, berg, schuur en ge boomte, staande op de 22 morgen (f. 1v).
Het zou te controleren moeten zijn omdat er ook een vicarie aan dit gebied bij de 'Berkelse wech' verbonden blijkt te zijn
1563-01-18 |
Inv Arch H. Geest 's Hage dl I Inv 960, dl II regest 713
Jaartallenindex
schout en gezworenen in het ambacht van Berkel oorkonden dat Pieter Lenaertsz als principaal, met zijn vader Lenaert Pietersz Cruser en Cornelis Adriaensz als borgen, verklaren verkocht te hebben aan de H. Geestmeesters in den Hage, als collators van de door Elisabeth Heynricsdochter van Coelen gestichte vicarie op het H. Geestaltaar in de St Jacobskerk in den Hage, waarvan nu Adriaen Gerritsz possessor is, een vrije [!] losrente van 15 Kar gld, losbaar den penning 16, verzekerd op: 1) 7 ½ morgen land strekkende van de Berkelse weg oostwaarts tot de landschee, belend noord: Symon Vranckez, zuid: Lenaert Vranckez, met het huis, de schuren en de berg daarop staande, 2) 23 hont land in een camp van 8 morgen min 2 hont land, gemeen met jonker Johan de Heuijter te Delft, strekkende van de Berkelseweg westwaarts tot de Ryskade, belend noord: Cornelis Heyndericsz, Cornelis Aertsz en Claes Vranckenz, zuid: Frans Cornelis, 3) 2 morgen land, belend oost en zuid: Adriaen Willemsz, west: Lenaert Geeritsz, noord: Adriaen Heynez tot Ryswijk. Al deze stukken land met het huis, gelegen in het noordeinde van genoemd ambacht, en belast met 900 Kar gld ineens die zijn stiefkinderen als erfenis van hun vader daarop sprekende hebben (vgl 1555-05-02) (in de collectie Goesbeek word er nog bijgeschreven: als erfenis van wijlen hun vader.1144
Zie regesten 565, 567, 647, 649, 661 en 672.)
Jan Jacobsz Bruser, schout, Adriaen Claesz, Pieter Danielsz, Claes Adriaensz, Symon Fransz, Jan Lenaertsz, Aelwyn Cornelisz en Huijch Martijnsz als gezworenen
Ik vraag mij af of mijn Machtelt Claesdr dus de moeder van Cornelis Aertsz en Aelbrecht Aertsz geen lid van het geslacht van Adrichem was gezien de volgende akte:
jaargang 44 (1989) blz. 525
34. 18-7-1567: Dirck Willemsz., schout-, Cornelis Pouwelsz. en Adriaen Cornelisz., gezworenen te Pijnaecker, oorkonden dat Cornelis Claesz. te Overgaeuw in de Hoff van Delff verkoopt aan Frans Pietersz., corencoper te Delff, een jaarrènte van 12 karolus gulden van 20 stuiver, te lossen de penning 16, verzekerd op 2 morgen te Pijnaeckeer voor Catwijck, belend ten oosten: Annetgen, weduwe van Michiel Martijnsz., ten westen: Claes Adriaensz. te Delff in het Dubbelde Cruys, strekkende van de Catwijkse weg zuidwaarts tot de Langhe Watering (f. 72).
Want (en ik hoop dat je de screenshot goed kunt zien) zie ik het volgende over de kwartieren van Hugo de Groot:

Bron: DNL 1924 JAARGANG 42
waar Claes Adriaensz. te Delff in het Dubbelde Cruys een 'Van Adrichem' blijkt te zijn en als we zijn stamboom erbij halen dan blijkt hij heel toevallig een zoon van Nicolaas Adriaensz van Adrichem en Machteld Claes Franckendr van den Bergh te zijn
Ik weet het ik kan qua familiebanden nog niets hard maken maar ik weet dat mijn Machteld Claesdr haar zonen Cornelis en Aelbrecht en de schout van Pijnacker dus autorisatie geeft om namens haar te prcederen tegen het hoogheemraadschap Schieland, en er is maar een plek waar het oude ambacht van Pijnacker, het berkelse bezit van Machtelt Claesdr en het hoogheemraadschap samenkomt en dat is de huidige Berkelse weg onder Zoetermeer!!
En laat dus nu net het Pijnackerse gehucht Catwijk aan de 2spring Catwijkerlaan en Berkelseweg gelegen hebben!! Zodoende dat ik dus denk dat we erg warm zitten met deze veronderstelling!! Zeker ook omdat ook Jacob Jan Japen en Machtelt Cornelisdr in leven woonde tot Katwijk in de venen binnen Zegwaart!! Wat dus in feite ook op deze tweesprong gaat daar dus ook Zegwaart hieraan grensde!!
Graag je reactie.
Met vriendelijke groet,
Jermaine Van der Meer