stamboomforum

Forum logoFora » Archiefonderzoek en bronnen » Octrooi Prins van Oranje 27 december 1638

In een testament uit 1639 wordt gesproken over:  

selven testamente gebruijckende de opene brieven van

octrooije hem bij sijn(en) hooch(eij)t de heer Prince van Oraengie,

heer ende baron der Stadt en(de) Lande van Breda, etc(etera) in

date den sevenentwintichsten december XVIc ende

achtendedertich, ondert(ekend) ??? de Nassau,

Waar kan ik deze octrooi vinden en waar gaat deze over?

Bedankt. Groet, Aad

A. Neeven

Uiteraard kan ik dat zo ook niet zien maar ik heb wel een soortgelijke formulering gevonden waarbij het om leengoederen gaat:

"Gerrit Jaspersz won op Bolgrije onder Everdingen en Zijderveld maakt zijn testament betreffende
alle leengoederen, die hij liggende heeft in Boeicoop i/d graafschap van Leerdam (hem verleend
bij octrooi v/d prins van Oranje dd 3-10-1619)
en wel: [
en dan volgt en opsomming van de goederen]

 

Kun je de naam vermelden van de persoon in kwestie, dat zoekt wat gemakkelijker.

Annemarie57

Misschien is er meer te vinden in de archieven van de Nassause Domeinraad in Den Haag?

Annemarie57

Dank je wel Annemarie. Bijgaand de akte uit Princenhage. Ik hoop dat het wat resultaat oplevert want ik ben nieuwsgierig wat en hoe. Groet, Aad

Inne den name ons heeren Jesu Christi Amen. Cendt ende kennelijck

sij eenen iegelijcken dat voor de naege(noemde) schepenen inde Hage. 

is gecomen ende gecompareert in persoone Peeter Willem

Henrick Neven sone, ingeseten(e) alhijer , tgesont van lichame,

gaende ende staende ter straten waer opt, ende sijn memorie,

kennis ende verstant genoechsaem hebben(de) en(de) over al wel

machtich soe’t opentel(ijck) bleeck, den welcken verclaerde

dat hij aenmerckende de broosheijt des menschen levens ende

datter nijet sekerder en is als de doot en(de) nijet onsekerder als de

ure desselffs, en(de) van deser werelt nijet te willen van deser

werelt scheijden sonder van sijn(en) tijtel(ijcke) goederen, hem bij

Godt Almachtich op deser werelt v(er)leent, te disponeren,

ter wijlen hem Godt Almachtich sijn(en) memorie ende verstant

laet gebruijcken, ende heeft bij forme van testament

ende voor sijn(en) uuijtersten wille geordonneert tgene des hijer

naer volght, hijertoe ende tot validiteijt vanden

selven testamente gebruijckende de opene brieven van

octrooije hem bij sijn(en) hooch(eij)t de heer Prince van Oraengie,

heer ende baron der Stadt en(de) Lande van Breda, etc(etera) in

date den sevenentwintichsten december XVIc ende

achtendedertich, ondert(ekend) ??? de Nassau, ende op de plicque

Buijsers, ende besegelt met het groot segel onder in rooden

wasse met dobbelde steert uuijthangen(de) verleent. Ierstelijcken

bevelende sijn(en) siele soe wanneer die uuijt sijn(en) lichame sal

comen te scheijden de Genade Godens, en(de) sijn(en doot lichame

ter gewijder aerden alhijer in(de) Hage, willen(de) hem naergedaen

te worden eene eerlijcke uuijtvaert. Ende comende ter

dispositie van sijn(en) tijtelijcke goederen heeft gewilt ende

begeert dat alle sijn(en) kinderen, soo wel sonen als dochteren,

sullen gelijckel(ijck), egalijck ende hooftgelijck paerten en(de)

deelen minnelijck ende vrundelijck, alle en(de) iegelijck sijn(en)

naer te laten erffgoederen, het sij leengoederen of chijnsgoe(deren)

mitsgaders haeffgoederen ende alle andere goederen hoe

die genoempt en(de) waer die gelegen sijn, sonder dat iemandt

van(de) selve sijn(en) kinderen ennige prerogative oft voordeel

daer inne sal mogen oft hebben te pretenderen in enniger

manieren, op pene en(de) v(er)beurte van(de) ligitime portie wie

 

daer tegens doet ten behoeve van(de) armen in Hage.

Verclarende hij testateur dit te wesen sijnen

uuijtersten wille en(de) testament, begerende ende

willende dat tselve naer sijn(en) doot alsoo sal worden

onderhouden ende achtervolght, alwaert soe dat

ennige solempnieteijten naer recht gerequireert ??? hijer(? Niet zeker)

inne nijet en sijn geobserveert, reserveren(de) nijettemin

sijn(en) wederroepen, veranderen, minderen ende

meerderen, soe dickwils alst hem gelieft. Aldus

gedaen ende gepasseert opten twintichsten januarij

XVIc ende negenendertich, in p(rese)ntie van Jan

Adriaen Onincx ende Adriaen Cornelis Lodders,

Schepenen in(de) Hage, des voormiddachts ten thijen uren.

Toirconden dese onder(tekend)

 

Thantmerck ende teeckeninge van den

voors(chreven) Peeter Willem Henr(ick) Neven zone

verclarende anders nijet te connen schrijven.

 

                                            Jan Adriaen Oninckx

                                            Adriaen Coernelis Lodders

                             

                                            Attestor se(creta)ris inde Hage

                                            ??? Backx

A. Neeven

Een antwoord op deze vraag kan ik niet geven.

Wel weet ik, dat in de 17e en 18e eeuw in sommige plaatsen gebruikelijk was, dat je pas een testament bij een notaris kon laten opmaken, als je octrooij had om te testeren.
Dat octrooij werd verleend door het hoogste bestuursorgaan van het gewest, en kostte geld.
Meestal was dat het Hof van (Zeeland, Utrecht, Holland, Gelderland).
In Breda was dat blijkbaar het bestuur van de Baronie.

Ik vermoed, dat dit voor het gewest een bron van inkomsten was, net als de belasting, cijns, impost et cetera.
Verder heeft het er wellicht mee te maken, dat als gevolg van een testament onroerende goederen van eigenaar verwisselen, waarvoor cijns betaald werd en die soms leenroerig waren. In die zin was de overheid de facto mede-eigenaar van die goederen.
Maar ik wil benadrukken, dat dat maar een redelijk vermoeden is.

Al met al denk ik niet, dat Peter Neeven en de Prins van Oranje elkaar persoonlijk kenden.
Je zou voor de aardigheid eens kunnen controleren, of die Prins in alle akten in Princenhage genoemd wordt.

Jan Clavaux

Een octrooi om te testeren kom ik in het algemeen in een andere context tegen.

octrooi in combinatie met Prins van Oranje brengt me bij toestemming om een paardenmarkt te mogen houden  (een dorp kreeg dat) of, bij testamenten om over bepaalde goederen bij testament te mogen beschikken.

Annemarie57

Ik ken uit eigen ervaring een heel sprekend voorbeeld. In (het gewest en de stad) Utrecht moest werkelijk iedereen octrooij hebben om te testeren.

Die octrooijen zijn door Putman in geklapperde periodes in het archief te raadplegen: KLIK HIER

 

Aanvulling: de Utrechtse klappers van Putman zijn vreemd genoeg ook in het archief van Breda te raadplegen: KLIK HIER
Waarom dat zo is begrijp ik niet, maar andere octrooiregisters zijn er niet in Breda.

Jan Clavaux

Is er niet toevallig een inventaris of boedelscheiding waarin de nagelaten goederen van die meneer nader worden omschreven?

Annemarie57

Is er niet toevallig een inventaris of boedelscheiding waarin de nagelaten goederen van die meneer nader worden omschreven?

Nee, @Annemarie.
Zie https://stadsarchief.breda.nl voor als ik niet goed gezocht heb.

Ik heb de boel even omgedraaid en gezocht op de Prins van Oranje. Die komt in die tijd volgens de index in 682 notariële akten voor.

Jan Clavaux

Was de prins niet toevallig heer van Breda in die periode? Dan zou het misschien te verklaren zijn zoals jij zegt, maar ik zie ook iets over leengoederen in dat testament dus als dat toevallig ook lenen waren van de Prins dan het beide betekenissen zijn. Schiet niet op zo. Ik zie even geen andere invalshoek(en)

Annemarie57

In de Nassause Domeinraad zouden de archiefnummers 7938-8084 interessant kunnen zijn:

 

http://www.gahetna.nl/collectie/archief/pdf/NL-HaNA_1.08.11.ead.pdf

Annemarie57

Dat iemand (in sommige plaatsen) altijd een toestemming nodig had om te testeren ben ik eigenlijk nog niet tegengekomen. Maar als Jan het zegt geloof ik het graag.
Ik ken twee mogelijkheden: 1.  het gaat om leengoederen waarbij de leenman wil afwijken van het leenrecht dan wel de inde belening opgenomen voorwaarden. Dan moet de leenheer toestemming (octrooi) verlenen.
2. Het gaat om een bastaard die een testament wil maken. Bij bastaarden had de graaf (maar dan heb ik wel over Holland, weet niet hoe dat elders was) recht op een de helft (als ik het goed heb) van diens goederen. Maar de graaf kon wel toestemming verlenen om daarvan af te wijken.

Ander aspect: 1638, Princenhage dus Brabant. Brabant werd bestuurd door de Staten-Generaal van de Republiek. Als voor het überhaupt testeren toestemming nodig was (en lagere organen waren niet bevoegd) zou de toestemming dan niet van de Raad van State moeten komen?  Maar ik ben niet zo op de hoogte van de verdeling van de bevoegdheden in Brabant en ik hoor graag als het anders is.
Als de Prins van Oranje leenheer was van de leengoederen die in het testament worden genoemd en er wordt afgeweken van het leenrecht (en dat lijkt me zo te zijn want alle kinderen delen erin mee) dan had de testateur toestemming nodig van de Prins van Oranje in zijn hoedanigheid van leenheer, niet in die als bestuurder. 

Groeten, Frans
 

Frans Angevaare

Dat laatste bedoelde ik eigenlijk Frans, alleen zo mooi uitgelegd als jij het kan, lukt mij niet. Bij de inventarisnummers die ik aangaf zitten ook octrooien aan bastaarden dus ook dat zou zomaar een van de redenen kunnen zijn.

Annemarie57


Inderdaad behoorde de Baronie van Breda al sinds 1403 tot de bezittingen van het geslacht Van Nassau, later Van Oranje-Nassau. Ook nu nog heeft koning Willem-Alexander de titel Baron van Breda, al bestaat de Baronie sinds 1795 officieel niet meer. Anno 1638 was het prins Frederik Hendrik. (Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Heer_van_Breda.) Niet onlogisch dus als dergelijke octrooien in het Bredase als prinselijk besluit van de Prins van Oranje verstrekt werden - ook als het niet gaat om zaken waarbij de Baron van Breda zelf financieel belang had -, zoals dat voor koninklijke besluiten omtrent individuele personen ook nu nog gebeurt.

Henk Beindorff




Plaats een reactie

Om reacties (en nieuwe onderwerpen) te plaatsen op het Stamboom Forum dient u eerst in te loggen! Nog geen lid? Registratie is gratis en snel!