0
0
Predikant Carpentier
PREDIKANT CARPENTIER
Een zekere Carpentier, geboortig van Meessenee bij Yperen, die zich verstoute te prediken op St.
Pieters. Omtrent dezen tijd waren er twee Leraars der Hervormde Kerke, beiden Carpentier
genaamd. De ene Pieter geheten, wordt van de Hoogleraar Van der Linden geteld onder de eerste
Nederlandse Kerk dienaars uit de Burgerstraat. Hij was in het jaar 1565 Predikant te Antwerpen, en
werd met nog twee anderen van Embden, gezonden naar Londen, om in de Nederlandse Gemeente
aldaar, te helpen beslissen het gerezen geschil over de noodzakelijkheid van getuigen in het
bedienen van de Heilige Doop. Het is waarschijnlijk, dat hij dezelve Petrus Carpentier geweest zij,
die van 1511 tot 1591 Predikant te Schiedam is geweest, en dus te onderscheiden van Petrus
Carpenterius, van Antwerpen, die eerst Rector der School te Noordwijk of Norwich, en naderhand
te Rotterdam, wort gezegd geweest te zijn, en die enige Latijnse boeken, ten dienste der scholen
heeft uitgegeven, sedert 1600 tot 1604.
De andere, van wie hier, als Predikant te Gent, gesproken wort; was genoemd Jakob Carpentier. Hij
predikte niet alleen ten platten Lande, of op zeker Kasteel nabij Gent, maar onderstond dat ook te
doen op de 24 Augustus 1566 binnen die Stad, komende ten 7 ure prediken in de Kerk van de Abdij
van St. Pieters, alwaar veel volk vergadert was om hem te horen, maar de Hoog Baljuw hetzelve
vernomen hebbende, zond aanstonds naar de Kerke de Heer Gerard Rijm, Baljuw van St. Pieters,
die omtrent de 8 ure in de Kerke komende, de Minister deed ophouden, en vertrekken, maar na de
middag werd er evenwel gepredikt buiten de Poort op den Dries, waar toe hij vertrekkende, zijn
toehoorders 's Morgens genodigd had. In de volgende maand, de 20 September kwam hij met
enigen der voornaamste Gereformeerden, op het Stadhuis, om een verzoek de Schepenen te doen,
nadat hij kort te voren een huis gehuurd had in de Majorleijnstraat te Gent, in mening van hier nu
vast te zullen blijven wonen, hetwelk hem niet zeer lang heeft mogen gebeuren. Wel deed hij de 11
November de tweede predikatie in de nieuwgebouwde Kerk, de nieuwe Geuzen Tempel genaamd,
maar overmits die omtrent vijf maanden daarna door de Roomsgezinden gesloopt werd, heeft zijn
dienst en woning te Gent een einde moeten nemen, zonder dat mij zijn volgende lot en
levensgevallen zijn voorgekomen.