stamboomforum vragen, antwoorden en tips voor uw stamboomonderzoek

Forum logoOnderzoek in Nederland » Marckelbach/ Hessenberg Nijmegen/Wageninge



Profiel afbeelding
Niet meer geregistreerd
Hoewel het al ruimschoots bedtijd was na de vorige bijdrage, had ik aan de gegevens die ik dankzij de gastvrijheid van het Wageningse archief kon geven wel mogen toevoegen: vriendelijke groet. Ik zie dat het tekstverwerkingsprogramma van stamboomforum de apostrof niet herkent en vervangt door een vraagteken, maar hoop dat het geheel toch te volgen valt. 

Paul Moors - 13 okt 2011 - 13:00

Niet meer geregistreerd

Hallo Paul,

Dagen zonder internet, dat is een nadeel van het verblijven in Frankrijk is volkomen normaal als je dagen zonder internet en telefoon zit, maar het weer is er nog heerlijk en dat maakt dan weer veel goed.

Zal het nog eens heel goed lezen je hebt weer heel wat verzameld.

Geweldig hartelijk dank.

Groetjes Louise.

louise - 15 okt 2011 - 18:14

Niet meer geregistreerd

Beste Louise, en wie dit verder leest,

Ik heb nog gekeken naar het gezin waaruit Johannes Derksen waarschijnlijk komt, dat van Derk Hendriks (ook genoemd Rossenraet) en Elbertina Mommers. De gegevens die ik in het doopregister van Hemmen aantrof verschillen iets van degene die je geeft: de Johanna Maria?s van 1732 en 1735 zijn ook in Hemmen gedoopt, en de eerste is niet van 25 juni maar van 25 juli. Bij beide staat ook de moeder vermeld. Bij de oudste kinderen Hendrica en Johannes staat niet bij henzelf Rossenraet, maar staat dat ze dochter/zoon zijn van Derrick Hendricks Rossenraet en Elbertina Mommers. Een huwelijksplechtigheid van de ouders heb ik in de directe omgeving ook niet gevonden. De namen hebben wat exotisch. Voor Rossenraet had je nog een land verder moeten kijken, Rossenray is een buurschap in de Gemeinde Kamp-Lintfort, tussen Geldern en Duisburg. Er staat nog een kolenmijn, de noordelijkste in deze regio. In Duisburg zijn enige leden van een familie Rossenrath te vinden, één tak is inmiddels in Geertruidenberg terecht gekomen. Maar minstens zo opvallend is dat er rond 1800 in Zaandam een vrij groot aantal leden voorkomt van een familie Rossenraad, zoals uit Genlias blijkt. Misschien zijn zij ook genoemd naar een voorouder uit het Duitse Rossenray. De naam Mommers is ook helemaal niet Betuws, maar hoort thuis in Tilburg en omgeving, zo wijst de databank van familienamen op de website van het Meertensinstituut uit. Het is misschien niet zo toevallig dat Derk van den Hessenberg, de zoon van Johannes Derksen, kort na 1800 vertrok naar de omgeving van Tilburg. Maar hoe komt zijn grootmoeder dan aan de typisch Betuwse naam Elbertina? Is het verbetuwd uit Albertina, een naam die in en rond Tilburg wel te vinden is? En als Derk import uit Holland of zelfs Rheinland zou zijn, waarom heeft hij dan naar het lijkt verschillende familieleden Hendriks in de buurt wonen, iets waar de namen van de borgen bij de verpachtingen van Lexkesveer op wijzen. Het lijkt eerder zo dat een Rossenraad eigenaar was van een boerderij die dan ook die naam heeft gekregen en dat de familie van Derk die boerderijnaam dan weer heeft overgenomen. Elbertina daarentegen zou inderdaad wel eens uit Tilburg of omgeving kunnen komen.

Overname van de naam van de eigenaar via de boerderijnaam schijnt in elk geval te spelen rond Hessenberg. In de late middeleeuwen lagen er drie kloosters op de Hessenberg in Nijmegen. Verreweg het grootste was een zusterklooster van tertiarissen, gewijd aan Sint Petrus. Na de Reformatie werden de kloosters wel opgeheven, maar hun bezit bleef grotendeels in stand als fonds voor de ondersteuning van de nieuwe religie. Het beheer werd soms gevoerd door de staten van het kwartier, onderdeel van de provincie, soms door steden. In het geval van de Hessenberg trok de stad Nijmegen het beheer aan zich. We zien in het verpondingscohier, een register voor een Gelderse grondbelasting, van 1650 dat in Zetten Roeloff Lamberts pachter was van "eene bouwhoff met huijs, hoff, boomgaert, bouw- & weijlandt groot 70 morgen gehorende tot den Hessenberch tot Nijmeghen". Helaas is nadien nog maar één verpondingscohier bekend in Zetten, dat van 1792. Het goed is dan uiteen gevallen. Hendrik Derksen heeft huis, hof, boomgaard en 4 morgen bouwland den Hessenberg, Cornelis Driessen heeft 14 morgen bouwland den Hessenberg en heer Gordon te Doesburg heeft 4 morgen uit de Hessenbergse bouwhof. We zien dus dat de naam van de voormalige (daarover zo meteen) eigenaar is overgenomen voor de boerderij.

De pachters van de boerderij zijn een tijd lang te volgen in de rekeningen van rentmeesters van de kloostergoederen, die in dienst waren van de stad Nijmegen. Vanaf 1619 zitten er rekeningen in het stadsarchief. De boerderij werd als regel voor 6 jaar verpacht. In 1620 was pachter Lambert Roelofs, voor 480 gulden per jaar. De boerderij heet steeds in de rekeningen "den derden hoff", na Gennepestein en Op Neeme, beide in Herveld. In 1625 was Lambert  nog pachter, maar in 1626 werd de hof verpacht aan Roelof Lamers of Lamberts, ook voor 480 gulden. Hij was jarenlang de pachter, geleidelijk liep de pachtsom terug, eerst naar 470  en later naar 435 gulden. In 1661 werd de weduwe van Roeleff Lamers de pachter, in 1667 Hendrick Roeloffs voor een verhoogde pacht van 450 gulden. Bij de nieuwe verpachting in 1672 werd de pacht verlaagd tot 420  en in 1675 of 1676 zelfs tot 265 gulden "geconsidereert nochtans dat hem dit jaerpachts belooft is mede naer advenant van de andere pachters te sullen reguleren". De volgende pachttermijn betaalde Hendrick 367 gulden, maar in 1682 kreeg hij 100 gulden korting. In het laatste jaar van de termijn, 1683, was de hof verpacht aan Hendrick Roeliffsen en zijn "naesaet" Hendrick van Heun. Hendrick van Heun continueerde de pacht vanaf 1684, maar nu voor 225 gulden. Nu moest wel bij het vernieuwen van de pacht om de 6 jaar een extra bedrag worden betaald, het "rantsoen", van 10%. In 1694 werd de pacht voortgezet door de weduwe van Hendrick van Heun. In 1699 was zij samen pachter met haar zoon Jan Hendricksen. Het was hun vierde en toch laatste jaar, want de stad Nijmegen verkocht de Betuwse boerderijen. De derde hof te Zetten ging naar Otto van Helbergen. Van de opbrengst kreeg de rentmeester van de kloostergoederen nog een laatste keer een bedrag, 5%, de rest stak de stad in eigen zak, in concreto in de kist op het stadhuis. De derde hof bracht 7375 gulden op, Gennepestein 8200 gulden en Op Neme 8300.

Helaas zijn er bij mijn weten van de nieuwe eigenaren niet zulke mooie rekeningen bewaard. Derk Hendriks zou een zoon van Jan kunnen zijn (vandaar een zoon Johannes), dan is Hendriks in dit geval een echte achternaam, overgenomen van zijn vader en geen patroniem. Of Hendrik van Heun moet nog een zoon Hendrik gehad hebben. Tussen Jan en Derk nog een Hendrik schuiven maakt Derk te jong om in 1722 al vader te zijn. Derk zoon van Hendrik van Heun maken zorgt ervoor dat hij misschien wat oud was om tegen 1760 nog veerman te zijn, maar het zou kunnen. Daarbij mag overwogen worden dat Ariaan Hendrikse (iemand van die naam was borg voor het veer) al 18-4-1717 een zoon Hendrik gedoopt kreeg in Hemmen en in Wageningen een Derk Henricks wonend in Randwijk trouwde met Geertruid Everts, ondertrouw in Randwijk 12-9-1714, zou een eerder huwelijk kunnen zijn. Welke relatie Hendrik van Heun had met Hendrik Roelofs zou ook nog nader bekeken moeten worden.

Onderdelen van de boerderij Hessenberg en het bijbehorende Hessenbergse broek zijn in kaart gebracht in het kaartboek van een van de buren, het Arnhemse Catharinagasthuis. Zie het fraaie boek van Gerda (G.B.) Leppink, Van Geelkerckens Kaartboek van de landerijen van het Sint Catharinae Gasthuis in Arnhem (1635) vergeleken met de oudste kadastrale kaarten (1832), Arnhem 1988, p. 180-186.

Een vriendelijke groet weer, en reacties zijn welkom.

Paul Moors - 27 okt 2011 - 00:10

Niet meer geregistreerd

Beste Louise.

Hier een update. Eerst de ouders van de veervrouw Dirkje Gerharda Romeijn. Haar ouders Derk Janssen Romeijn en Jenneken Jansen, beiden wonend in Loenen en niet eerder getrouwd, trouwden in Herveld op 29-4-1714, de ondertrouw was op 9-4 in Slijk-Ewijk. Loenen ligt tussen Herveld en Slijk-Ewijk. Doordat doopboeken van Herveld ontbreken vóór 1725 en die van Slijk-Ewijk ophouden in 1716 zijn van het echtpaar slechts bekend de kinderen in Loenen onder Herveld Christina gedoopt 2-6-1727, begraven 4-2-1728, nogmaals Christina gedoopt 4-7-1728 en de eerder genoemde Dirkje Gerharda, de veervrouw, op 28-2-1731 gedoopt, vijf maanden na de dood van haar vader. Jenneken hertrouwde te Herveld op 12-8-1731 met Anthonij Claassen van Beek op 12-8-1731 en van het echtpaar werden gedoopt in Herveld de kinderen Claas op 25-1-1733, Theuntje op 24-1-1734, Claas op (niet ingevulde dag)-3-1735 en Dirk op 1-7-1736. Vanwege de naam van de stiefvader van de veervrouw is het begrijpelijk dat zij in de overlijdensakte van haar dochter Elbertina uit 1826 Derkje van Beek heet. Doordat de kerkregisters lacuneus zijn overgeleverd en er steeds patroniemen worden gebruikt is het lastig de familie verder terug in de tijd te volgen.

Dan Elbertina Mommers. Ik was uit het oog verloren dat je al had aangegeven dat Elbertina op 4-7-1697 in Hemmen is gedoopt als dochter van Johannes Mauritius Mommers en Cecilia de Bruijn. Van het echtpaar zijn eerder de kinderen Sara op 22-1-1683, Joannes Gisbert op 13-7-1685 en Johannes op 16-7-1688 in Hemmen gedoopt, vervolgens geen meer tot Elbertina. Raadpleging van de lidmatenlijst leerde dat Elbertina het enige kind is dat als lidmaat is ingeschreven, tegelijk met Derk Hendricksen, dus of de andere kinderen zijn blijven leven is niet duidelijk. Dezelfde lidmatenlijst leert dat Johannes Mauritius Mommers de predikant was van Hemmen. Een heel beroemde predikant zelfs, die de zorg voor de 200 zielen van Hemmen combineerde met activiteiten als theoloog. Hij probeerde verschillende protestantse stromingen met elkaar te verzoenen. In zijn in Leiden in 1729 uitgebrachte 'Luther gereformeerd' probeerde hij de Lutheranen in de Nederduits-gereformeerde kerk op te nemen (iets waar dan weer niet alle Lutheranen even blij mee waren) en in het postuum gepubliceerde 'Eubulus of goede raad om de verschillende broederen, de zogenaamde Voetianen en Coccejanen, met malkanderen te bevredigen', gedrukt te Rotterdam in 1738, probeerde hij de rekkelijken (Voetianen) en preciezen (Coccejanen) in de gereformeerde kerk met elkaar te verzoenen. Eerder was in 1691 in Amsterdam een preek gedrukt die hij in de Noorderkerk over 2 Timotheus 3,5 gehouden had. Johannes Mauritius Mommers is geboren in Mörs in Rheinland op 8-4-1654. Hij studeerde theologie in Utrecht en werd in 1680 predikant in Gulpen. Inderdaad geeft de database van familienamen van het Meertensinstituut naast Tilburg ook de omgeving van Maastricht als concentratiepunt van families Mommers, daar zal zijn familie wel vandaan komen. Volgens het kerkregister werd hij in 1681 in Hemmen beroepen, volgens de biografieën begon hij daar in 1682. Hij bleef er predikant tot zijn dood, volgens de biografieën op 26-8-1737. Over Johan Mauritius Mommers is verdere informatie via Google te vinden. Bij zijn vrouw Cecilia de Bruijn, tegelijk met hem als lidmaat ingeschreven, staat ?obiit? wat betekent dat zij voordat een nieuwe lijst van lidmaten in 1740 is aangelegd moet zijn overleden. Zij komt waarschijnlijk uit Zetten, waar verschillende families De Bruijn in aanmerking komen, maar bij ontbreken van een doopakte (kerkregisters van Zetten beginnen in 1657) is niet direct duidelijk welke. Mommers is dus wel allochtoon, maar op een andere manier als ik had aangegeven.

Dan Derk Hendriksen. Het eerder genoemde Rossenray ligt niet zo ver van Mörs, dat zou een spoor kunnen zijn. Maar wat heeft de Betuwe te bieden? Ik kom hier snel op terug.

vriendelijke groet,

Paul Moors

Paul Moors - 22 nov 2011 - 12:12


Niet meer geregistreerd

beste Louise en andere geinteresseerden,

 

Ik had beloofd terug te komen op een mogelijke relatie van Derk Hendriks met de 17e eeuwse pachters van de Zettense hof van klooster Hessenberg. Een relatie met de laatste pachters, de Van Heuns, is er niet. De familie Van Heun hield met name domicilie in IJzendoorn, in de lidmatenlijsten van Zetten en Hemmen komen ze niet voor. Als pachter van de Hessenbergse hof komt in aanmerking de Hendrik van Heun die in 1680 te IJzendoorn trouwde met Maria Sluijsken. Uit dat huwelijk komt geen zoon Jan (pachter in 1699), die zou uit een eerder huwelijk moeten komen. De kerkregisters van Ijzendoorn beginnen pas in 1677. Een Derk zit er niet bij. Meer mogelijkheden zijn er met de eerdere pachters van de Hessenbergse hof. De lidmatenlijst van Zetten vermeldt dat Roelof Lamers overleed op 13-12-1659 en zijn echtgenote Derrixken Derrix op 7-5-1667. Hun zoon Henderick Roelofsen overleed volgens deze lijst op 14-5-1679. Hij trouwde op 1-7-1660 met Adriaentje Jansen, dochter van Jan Adriaens, en van hen zijn tussen 1661 en 1676 elf kinderen in Zetten gedoopt, onder wie een Derck op 5-7-1668. Tussen haakjes: de Van Heuns die hem als "naesaet" opvolgden als pachter van de Hessenbergse hof waren dus geen nakomelingen, maar erfgenamen. De leeftijd van deze Derck, als hij is blijven leven, past echter niet bij een Derk Hendriks die nog in de jaren 1750 veerman was van Lexkesveer. Een link die wel mogelijk is loopt via een Jantje Roelofsen, die op 24-3-1665 belijdenis deed in Zetten en tegen de 18 jaar geweest zal zijn, zij kan een dochter van Roelof Lamers zijn. In Randwijk trouwden in 1684 een Hendrick Dercksen met Jenneken Roeloven, zij hadden een zoon Derck gedoopt in Randwijk op 9-10 of 18-12-1692 (er worden dat jaar Derks van twee vaders Hendrick Derksen gedoopt, de moeder wordt niet vermeld). Deze Derk zou vóór Elbertina Mommers nog Gertruid Everts getrouwd kunnen hebben, zij trouwden in Wageningen met ondertrouw in Randwijk 12-9-1714, zoals gemeld. Vijf kinderen werden in Zetten gedoopt in 1715-1721, de laatste op 26-1-1721. Maar in Randwijk is op 11-9-1698 ook een Roelof zoon van Hendrick Derksen gedoopt, waarschijnlijk een zoon van Jenneken Roeloven (de vrouw van de andere Hendrick Derksen heette namelijk Anneke Jansen), en dat is eigenlijk te laat als zij dezelfde zou zijn als de rond 1647 geboren Jantje Roelofsen.

Intussen wijst een gevonden akte in het Oud Rechterlijk Archief van Overbetuwe uit dat Derk Hendriksen de boerderij Hessenberg niet geërfd heeft, maar gekocht. Op 1-6-1774 gaan Johannes Derksen met zijn vrouw Derkje Jansen Romeijn, Cecilia Derksen met haar man Willem Hendriksen Tap en de ongehuwde Hendrick Derksen als kinderen en enige erfgenamen van Derk Hendricksen en Elbertina Mommers een lening aan van 999 Carolus gulden waarvoor ze als onderpand stellen een hofstede van 4 morgen, door wijlen hun ouders in 1727 aangekocht, en een stuk bouwland van 4 morgen, beide in Zetten. Hierin herkennen we het boerderijtje Den Hessenberg en het bouwland uit de Hessenbergse bouwhof van beide 4 morgen in het verpondingscohier van 1792, waarvoor toen Hendrik Derksen werd aangeslagen. De familie exploiteert boerderij en bouwland niet zelf, maar heeft hiervoor een erfpachter A.J.V. Doorn.

Derk Hendriksen kan dus goed van buiten gekomen zijn. In dat geval vormt de aangetroffen naam Rossenraet een vertrekpunt voor nieuwe speurtochten.

Paul Moors - 28 dec 2011 - 15:44







Plaats een reactie

Om reacties (en nieuwe onderwerpen) te plaatsen op het Stamboom Forum dient u eerst in te loggen! Nog geen lid? Registratie is gratis en snel!


Inloggen Registreer nu