hallo,
het gaat om dit stuk. Ik kom er niet uit, mede omdat ik ook niet echt kan afleiden wat de substantie van de tekst is.

01. Op dato den IIIen septemb(er) a(nn)o XVI C achten(de)veertich compareer(de)
02. voor mij, Johan van Ruiven, bij den Hove van Holl(ant) ter nominatie der stadt
03. van Delft geadmitteer(de) not(ariu)s, present den ondergen. getuigen,
04. s(ieu)r Alewijn van (der) Marck, crudenier alhier weesen(de), van competenten
05. ouderdom, dewelcke ter instantie van Catharina ter Smetten, huis-
06. vrou van Jan ter Smetten, attesteer(de) bij waere woorden, hoe waer is,
07. dat de req(uiran)te meer dan twee jaren geleeden een van (de) kinderen
08. van hem attestant heeft gemint, en(de) daernaer diversche
09. malen t' sijnen huise verkeert heeft, alsmede dat hij attestant
10. aen (de) req(uiran)te noyt eenige ontrouwicheit heeft bevonden, ofte
11. dat t' sijnen huise iets door haer req(uiran)tes toedoen soude weesen
12. gemist, en(de) dat hij dienvolgens in cas van ontrou ten laste
13. van req(uiran)te niet[s] weet te seggen, maer wel in tegendeel,
14. dat de req(uiran)te haer t' sijnen attestantes huise eerl(ijck) en(de) vroom
15. heeft gedragen, presenteren(de) den attestant allen 'tgene
16. voors. desnoot nader te sullen verclaren. Actum ten huise van (de)
17. attestant, present: Jan van (der) Marck, Jaco-
18. bus van (der) Merck als getuigen.
[getekend:]
19. Aleewijn van der Marck
20. Jacobus van der Marck
21. Johannis van der Marck, 1648
22. Jan Ruiven, not(ari)s pub(lique)
groet,
[aangepast 14:14 en correcties van Chris en Pauwel doorgevoerd]