Hallo Lee,
De ouders van Johanna Arnoldina Brouwer zijn nog altijd niet duidelijk.
Onderstaande informatie ontving ik een aantal jaren geleden van de Indische Genealogische Vereniging:
"Indische Brouwers in de 18e eeuw.
Onze eerste bekende Brouwer voorouders in Indiê waren Johannes Arnoldus Brouwer zijn vrouw Sara Aletta Christina Smit, die op 30 april 1800 de zoon Johannes Wilhelmus Brouwer ter wereld brachten, de grootvader van opa Frits (Frederik Adolf). Samen met Willy en Maarten Etmans van onderzoeksbureau Roosjeroos zijn we nu verder de 18e eeuw ingedoken.
Jan Brouwer werd geboren in Batavia rond 1730. Wat hij de eerste 40 jaar van zijn leven gedaan heeft is volkomen onbekend. Hij komt niet voor in de - overigens slecht leesbare - doopregisters van de Hollandse Kerk in Batavia. Misschien is hij gedoopt in de Maleise Kerk, maar uit die tijd zijn geen doopregisters bewaard gebleven. Misschien was hij een Mestiezer, lid van de Indo-europeese gemeenschap van burgers in Batavia, die niet werden gerekend tot de Europeanen. Het eerste wat we van hem horen is op 17 juli 1770, als hij wordt aangenomen in Semarang bij de V.O.C. als "soldaat aan de pen". Dit is een soort klerk. Er wordt bij vermeld dat hij "van Batavia" is en 40 jaren oud. Dit betekent dat hij in elk geval kon lezen en schrijven. 40 jaar is heel erg oud voor een recruut, dus hij heeft ongetwijfeld nog een andere carriere gehad. Tussen 1770 en 1781 wordt hij een aantal keer bevorderd en eindigt zijn V.O.C. carriere in 1783 als assistent. Hij behoort dan tot het "hoger" V.O.C. personeel. Hoe en waarom hij in 1783 uit dienst treedt is onbekend. Hij komt daarna eenvoudig niet meer in de rollen voor.
Belangrijk is een document uit 1781 uit Semarang, een landmonsterrol, waar Jan Brouwer vermeld staat als assistent van de boekhouder Frederik Jacob Rothenbühler. Deze uit Zweibrücken afkomstige boekhouder was een aanstormend talent, pas 21 jaar oud, die het zou schoppen tot gezaghebber van heel Oost-Java in de Franse (1795-1805) en Engelse (1805-1815) tijd. In 1790 wordt zijn volgende standplaats Pekalongan, een kleine VOC vestiging aan de Noord-Oostkust van Java. Eerst als onderkoopman, dan als koopman en tenslote als resident. In een nieuw opgediept document uit 1798 staan alle Europese bewoners van Pekalongan genoemd, zowel degene in dienst van de V.O.C. als vrije burgers. Allereerst Rothenbühler zelf, de resident, en daaronder de boekhouder Jan Jacob Schmidt. Bij de lijst van 14 burgers staat op de tweede plaats Johannes Arnoldus Brouwer. We weten uit een andere bron, een testament, dat Johannes Arnoldus Brouwer in 1788 het beroep van klerk uitoefende in Semarang. Hij was toen ook niet in dienst van de V.O.C.
Er zijn in Pekalongan in die tijd drie kinderen met de naam Brouwer geboren. Johanna Arnoldina (1793/1794), Godfried (1796/1797) en Pieter Cornelis (1798/1799). Gezien de hele kleine gemeenschap in Pekalongan is het waarschijnlijk dat deze drie kinderen van Johannes Arnoldus Brouwer zijn; de moeder weten we officieel niet. Van twee andere kinderen is het gedocumenteerd dat ze zonen zijn van Johannes Arnoldus Brouwer en Sara Aletta Christina Smit: Johannes Wilhelmus (30 april 1800 - 10 oktober 1867) en Frederikus Catherinus (21 juni 1801). Deze twee zijn geboren in Soerabaja. Belangrijk ook hier weer is de link met Frederik Jacob Rothenbühler. Ten eerste is een doopgetuige van Frederikus Catherinus de dochter van Rothenbühler: Frederika Catherina. Ten tweede is Rothenbühler rond 1800 van Pekalongan naar Soerabaja verhuisd om daar de rang van gezaghebber op zich te nemen. De familie Brouwer verhuist dus telkens met hem mee, lijkt het, eerst van Semarang naar Pekalongan, dan van Pekalongan naar Soerabaja.
Wat we denken is dat Johannes Arnoldus een zoon is van Jan Brouwer. Geboren rond de tijd dat Jan in Semarang in V.O.C. dienst kwam. We vermoeden dat hij in het midden van de jaren 1780 bij Rothenbühler in privé-dienst is gekomen, als klerk, en dat hij hem daarom naar Pekalongan en Soerabaja is gevolgd. Wat betreft Sara Aletta Christina Smit, het zou goed kunnen dat zij een dochter is van de boekhouder Jan Jacob Schmidt/Smit. Deze boekhouder is afkomstig uit Furth bij Neurenberg en overlijdt in 1798 in Pekalongan.
We weten van deze generaties vaak niet veel meer dan hun naam, soms een woonplaats en een beroep. Maar ook de namen die ze hun kinderen gaven. Dat is soms de enige bewuste daad die we kennen. Kunnen we daar misschien iets uit afleiden? Vanaf de zonen van Johannes Arnoldus werd keurig netjes vernoemd naar grootouders of ooms en tantes. Maar dat lijkt niet zo te zijn voor de 18e eeuwse Brouwers. Johanna Arnoldina lijkt vernoemd naar de vader en Frederikus Catherinus naar een doopgetuige. Ik denk dat zij erg druk bezig waren zich op te werken naar een Europeese klasse, vanuit een gemengd Aziatische bevolkingslaag. En daar hoorden nette voornamen bij. Jan was dan eigenlijk geen optie. Bij gebrek aan nette familienamen werd misschien inspiratie geput uit namen van goede vrienden, collega's. Bijvoorbeeld was een collega van Johannes Arnoldus de klerk Hendrik Godfried Slootman, ze waren samen getuigen op een testament. Daarop zou de naam van zoon Godfried geinspireerd kunnen zijn.
Kortom, het lijkt er sterk op dat de Indische Brouwers een hele lange geschiedenis hebben op Java, en zelfs een van de oudste Indo-Europese families zijn. Of we ooit nog de "oorspronkelijke" Brouwer zullen vinden, en of we toch nog afstammen van gouverneur generaal Hendrik Brouwer, zoals mijn vader altijd beweerde, blijft voorlopig een raadsel...."