Beste Sita,
De levensloop van Jacobus Hofland is die van een man van eenvoudige afkomst, die via een militair contract en door hard werken zijn weg in Ned.-Indië heeft gevonden en, gezien zijn hieronder vermelde 'droge' levens-gebeurtenissen, zijn verblijf aldaar tot een succes heeft gemaakt.
Jacobus Hofland werd, zoals door anderen gemeld, geboren 29-12-1863 te Beilen, als zoon van Pieter Hofland (*Amsterdam 07-11-1835, + ald. 24-11-1885, spiegelmaker, werkman, veldwachter, stalmeester) en diens eerste vrouw Geesje Kuiper (*Beilen 25-02-1843, + Groningen 05-05-1882). Uit het huwelijk Hofland-Kuiper (Beilen 29-02-1862) werden 7 kinderen geboren, waarvan Jacobus de oudste was.
De stamvader van Jacobus was Hessel Pietersz. Hofland (*Amsterdam ca. 1592, goudsmit, + Amsterdam 13-12-1638), gehuwd met Catharina Jochemsdr, Rijken. In dit geslacht komt de naam Hofland voor het eerst in 1629 voor als Hessel Pietersz. Hofland te Amsterdam een kind op de baar laat begraven. Het was een redelijk welgestelde familie, waarvan het gezinshoofd poorter van Amsterdam was. Een aantal thans levenden Hoflanden behoort tot dit geslacht. Er is geen aantoonbare band met de Indische Hoflanden.
Jacobus Hofland is omstreeks 1882 vanuit Harderwijk als militair naar Ned.-Indië gegaan. In de adresboeken van 1901 en 1902 wordt hij als gegageerd korporaal vermeld. In Magelang werden twee kinderen van hem en een inlandse vrouw geboren: Pieter Hilbert Johannes (1893) en Leendert Jacobus (1895), die hij heeft erkend en dus zijn naam zijn gaan dragen. Van de inlandse vrouw is alleen bekend dat zij Rosminah/Mina heette. Zij zou Javaanse adellijke ouders hebben gehad; een overlijdensdatum is niet gevonden.
In 1896 trouwde Jacobus te Djokjakarta met Elisabeth Catharina de Weerdt, (*Koranger/Kedoe) 1870, + Soerabaja 1897). Uit dit huwelijk werd op 12 oktober 1897 dochter Kaatje Geesje geboren, waarna de moeder 9 dagen later overleed.
In 1898 trouwde Jacobus te Soerabaja met Jeannette Jacqueline Graswinckel, (*Soerabaja 1863, + Batavia 1928), weduwe Nahmens. Uit dat huwelijk werden Angela Maria Antoinette Ursula (* en + 1899) en Wilhelmus Jacobus (*1904, + 1945 kamp Bangkok, Semarang) geboren.
Jacobus was in 1896 kleermaker te Semarang. Vanaf 1898 werkte hij als coupeur bij de fa. Kerner te Soerabaja. In 1900 nam hij deze zaak over. Hij adverteerde regelmatig in De Locomotief. In 1901 werd hij failliet verklaard, maar kon na een vergelijk worden gerehabiliteerd. Van 1904 tot 1923 woonde hij in Medan, eerst als coupeur van de firma Katz, vanaf 1913 als beheerder van Toko a Contant. Volgens een bericht in de Sumatra Post mocht hij galakostuums leveren aan de Sultan van Langkat. In 1923 volgde verhuizing naar Weltevreden, waar Jacobus nog in datzelfde jaar overleed, zijn vrouw vijf jaar later.
Zoon Pieter H.J. volgde een opleiding tot stuurman en diende bij de Gouvernements Marine. Hij trouwde in 1928 (echtsch. 1929) met Anna Edith Herta Margaretha Jung, in 1932 met M.E. Dirksen en in 1947 net Nany Annely Jutting. Geen kinderen uit deze huwelijken. Hij vertrok in 1956 naar Den Haag, waar hij in 1968 overleed, zijn vrouw Jutting in 1994.
Zoon Leendert J. trouwde in 1920 met Betsy Baudoin (1893-1985). Ook hij volgde een opleiding tot stuurman, werkte bij de Gouv. Mar. en later bij KPM. Uit dit huwelijk drie kinderen. Een verhaal van nakomeling Rudi Hofland staat in Algemeen Dagblad 01-03-2017.
Voor zover ik kan nagaan zijn er geen nakomelingen van Jacobus Hofland meer in Indonesië.
NB
Mocht iemand beschikken over de overlijdensdatum van Anna Editk Herta Margaretha Jung, resp. geboortedatum, overlijdensdatum en volledige naam van M.E. Dirksen (zie boven), houd ik mij van harte aanbevolen.
Edo Hofland