1735, den 2 juli
Uitkoop Aaltjen Jansen, weduwe Siemelink
Scholtes Adam Vijfhuijs, keurm[eester]. Harmen Roudijk, en Adolf Hillebrand
Tot momberen over Gerrit ,Esseline en Marie ,onmondige kinderen van Aaltje Jansen bij wijlen Geerlig Siemelink ehelijk verwekt worden aengestelt Gerrit Bronsink en Hermen Overbrink.
Voorts erschenen Aaltje Jansen met Jan Harmsen als momber in desen geassisteert welke sig willende verandersaten haere boven genoemde drie onmondige kinderen hun aenbestorven vaderlijke goed heeft bewezen in manieren als volgt. Aen den soon Gerrit een hondert vijf en twintig guldens en een kiste?? of vijf guldens in plaets van die aen de dogters Esseline en Marie ieder een hondert guldens een twiltogen? en een linnen bedde met 25 veren, twee bedde kussens en peuluwe en verder toebehoren en zal het bewezen vaderlijke goed van de twee oudste kinderen dadelijk ten profijte van Gerrit en Esseline zijn edog dat van Marie niet voor haer vijftiende jaer en zal het selve na dien tijd door de moeder tegen 3 van't hondert verrentet worden.
Eindelik is geconditioneert soo dat iemand deser kinderen in hun minderjarigheit komt te overlijden, de dessetijds bewesen vaderlijke goed voor de ene halfscheit zal versterven op d'overblijvende van hun en voor d'andre halfscheit op de moeder.
Daer mede de kinderen hun vaderlijke goed zijnde bewezen heeft de moeder verklaert haere kinderen niet te hebben verkortet en d'aengestelde momberen gesekert hun pupillen hier mede genoeg gedaen te zijn ende belooft de selven in hun perzonen en goederen te zullen voorstaen en beschermen als getrouwe momberen betaemt.