Beste Sandra,
Hartelijk dank. Uit RA Wassenaar Inv. Nr. 13 blijkt Benjamin van Halewijn een broer te zijn van Francois van Halewijn, beiden zoon van Wouter van Halewijn en met anderen erfgenaam van Walterus van Halewijn, die eigenaar was geworden van de boerderij in Wassenaar op 4-3-1643 bij koop van de erfgenamen van Jobje Jacobsdr. Voor het opsporen van de locatie is de Maaldrift waarschijnlijk een belangrijk oriëntatiepunt.
In RA Wassenaar 12:
166. 24-5-1638. Jacob Dirkszn. van Veen en Hendrik Dirkszn. van Veen broers als gekoren voogden van Jobje Jacobsdr. weduwe van Jan Claaszn. Teylingerbroeck hun moeder ter eenre en Schrevel Janszn., Claas Janszn., Cornelis Janszn., Cornelis Aryenszn. Corsteman man en voogd van Gerritje Jansdr. met Schrevel Janszn. gekoren voogd van Huibertje Jansdr. zijn zuster allen kinderen van de voorsz. Jan Claaszn. Teylingerbroeck delen de boedel. Jopje Jacobsdr. 10 hond hooiland gelegen aan de Nieuwe weg, belend O de Nieuwe weg, Z de Heilige Geest of de de Kerk van Wassenaar, W Cornelis Janszn. en N de weduwe van Claas Jacobszn., 19 hond veenland genaamd de Voorweide, belend O Huibertje Jansdr., Leendert Aryenszn. en Pieter Mouwerijnszn., Z de watering, W Jochem Mouwerijnszn. en N het clooster ter Lee, de woning en landen groot 6 morgen 1 hond, belend O Reier Dirkszn., Jan Claaszn. en Jochem Mouwerijnszn., Z de Buurweg, W Jochim Mouwerijnszn. en N de watering,
Voor de locatie van de woning (boerderij) is de Buurweg de beste referentie.
In het boerderijenboek van Voorschoten en Wassenaar staan twee boerderijen op de Buurtweg in Wassenaar: Blankenhoeve (Buurtweg 40) behorende bij de buitenplaats Blankenburg en De Roggewoning (Buurtweg 122). In 1647 werd de Roggewoning gekocht door jonker Amelis van den Bouchorst. Daarom valt de Roggewoning af als kandidaat voor de gezochte boerderij. Dat moet dan boerderij Blankenhoeve zijn. Blankenhoeve zou volgens het boerderijenboek in 1672 gebouwd zijn. Dat is dan weer in strijd met 1643 als jaar waarin de boerderij gekocht is door Walterus van Halewijn en toen al bestond als boerderij in eigendom bij Jan Claesz Teijlingerbroek.
De pacht van de boerderij door Adriaen Aemsz Gardijn zal op of vlak na de aankoopdatum 4-3-1643 zijn ingegaan.