Als je terugbladert naar de oorspronkelijke vraag van Gerrit, kun je zien dat hij het heeft over bronnen waarin verschillende personen voor kunnen komen. Dat is bij bijna alle bronnen het geval, en daarom is het werken met persoonsnummers echt helemaal verkeerd bij bronnen. Bronnen zijn namelijk zelfstandige zaken, en er is bijna geen programma dat daar echt rekening mee houdt. GRAMPS en Haza-21 zijn zo ongeveer de enige programma's die het wel goed doen.
Wat ik bedoel staat op de pagina met uitgangspunten op de site van Haza-21, onder het kopje filosofie. In die filosofie is een bron een document, waarin allerlei gebeurtenissen staan vermeld. Een vermelding van een doop is zo'n gebeurtenis, en die hoort niet bij een persoon, want gedoopt worden doe je nooit in je eentje. Er horen ouders bij, ook als ze door omstandigheden niet beide aanwezig zijn, getuigen, en een geestelijke die de doop verricht. Verder is er natuurlijk ook een verwijzing naar een tijd en een plaats, en dat zijn allemaal feiten die je uit die ene bron kan halen. Als je daarbij hebt meegeteld heb je al heel gauw vijf of meer personen, voor wie deze vermelding stuk voor stuk als bron kan dienen. De bron mag daarom dus ook nooit een persoonsnummer in de bestandsnaam krijgen. Doe je dat wel, dat moet je de naam namelijk veranderen als de dopeling een ander blijkt te zijn, wat in de loop van een goed onderzoek altijd tot de mogelijkheden behoort. Een bron is dus een zelfstandig element, dat je een naam geeft op basis van de eigenschappen van de bron zelf. Plaats en tijd zijn daarbij onderscheidend.
In het beste geval is zo'n vermelding een combinatie van een scan en een transcriptie, die eventueel is samengevat in een hele kale opsomming van feiten, zoals je die bijvoorbeeld bij genlias vindt. Je hebt in elk geval altijd een stuk tekst waarin verschillende personen staan, en dat is ook je basis. Je geeft de bron een code met een eigen nummer, en dat is helemaal onafhankelijk van de personen, om de reden die ik hierboven al genoemd heb. Verbanden leg je in een aparte tabel, zodat je bronnen nooit hoeft te kopiëren. Er zijn in een goede genealogie veel personen die verschillende bronnen hebben, en veel bronnen die weer terugverwijzen naar verschillende personen.
Pas als je een bron analyseert reconstrueer je de geschiedenis, en bij ons neemt die de vorm aan van een stamboom, waarin personen verschijnen. Dat is de richting waarin je dient te werken, en een echt goed programma ondersteunt dat ook. Zo'n programma is zoals gezegd heel zeldzaam. De meeste bekende genealogieprogramma's werken namelijk precies andersom. Ze dwingen je namelijk van de persoon naar de bron toe te werken, en dat is filosofisch gezien dus helemaal verkeerd.
Als je dit uitwerkt in een wiki, kun je bij elke persoon die in de bron vermeld wordt een verwijzing maken naar een persoonskaart of iets dergelijks. Die kaart heeft noodzakelijkerwijs wel een nummer, omdat veel namen niet uniek zijn, maar zo'n nummer mag nooit iets van kekule of zoiets zijn. Het mag namelijk niet veranderen als je ergens een generatie naast zit, en kekule en dat soort nummers doen dat wel. Het moet gewoon een genealogisch sofinummer zijn. Zo'n nummer deel je een keer uit, en daarna verander je het nooit meer, behalve dan misschien als later blijkt dat twee verschillende personen toch dezelfde zijn.
Als je deze simpele principes toepast hoef je nooit om te nummeren, en kan je eeuwig alle kanten uit.