Via onsvoorgeslacht.nl zowaar een transcriptie van de akte (door G. Ouweneel) gevonden, dat scheelt weer werk!
Transcriptie: Bij den inhoude van desen instrumente zij kennelyck eenen iegelijck dat opten derden Marty in den jaere 1643, voor mijn Jacob Delphius, notaris puiblycq, bij den Hove van Hollant, geadmitteert, residerende tot Rotterdam ende voor den naergenoemden getuygen gecompareert ende verschenen sijn, d'eersamen Jacques Luidersz, meerderjarich jongman van Vreem ende jegenwoordich woonende tot Alblasserdam, geadsisteert voor zoo veel het noot is (alsoo hij verclaerde t'alhier geen vrunden offte ouders te hebben) met mijn notaris als zijnen gecooren voocht in desen, toecomende bruydegom, ter eenre, ende d'eerbare Maertijntje Jans, jonge dochter van Nieu Leckerlant, geadsisteert met Jan Jacobsz, haeren vader ende Willemtje Willems, haere moeder, toecomende bruyt, ter andere zijde, te kennen gevende ende verclaerende sijluyden comparanten, hoe dat bij desen ter eeren Godes tusschen voorn. twee principale comparanten geaccordeert ende beslooten wert in een vast, bundich ende wettich toecomenden houwelijck in de manieren ende op de conditien hier naervolgende, te weten als dat den voorn. toecomende bruydegom tot subsidie ende onderstant deses houwelijcx sal inbrengen, gelijck als hij beloofft bij desen, eens alle de goederen, soo roerende als onroerende, actien, crediten ende gerechticheden die hij jegenwoordsich is hebbende, possiderende ende besittende, geene uytgeseyt, waerentegen sij toecomende bruyt tot onderstant als vooren zal inbrengen, gelijck als de voorn. haere ouders met haer ten houwelijck benevitie geven bij desen een gerecht achtste paert van elff margen lants, gelegen in Leckerlant voors., belent ten oosten Coen Symens met de zijnen, met een stuck lants genaemt de Vijff Margen, ten westen Geerloff Hener..., streckende van de Alblasse kaedesloot aff tot de diepte der Leck toe, vrij ende onbelast, anders als mette gewoonlijcke verpondingen en ongelden als buurlanden, welcken voorsz. achtste paert is comende in het voorhooft van Jan Jacobswz cavel, uytwijsende de cavelcedullen daervan zijnde, / met dese expresse conditie dat in cas den voors. toecomende bruydegom eerstelijck voor den toecomenden bruyt deser werelt comt te overlijden sonder kint offte kinderen bij den anderen geprocreert in levenden lijve naer te laten, dat indien gevalle zij toecomende bruyt mett vollen rechten aenvaerden ende eeuwichlijck ende erffelijck behouden sal alle de goederen, roerende ende onroerende, geene uytgesondert, die hij bruydegom metter doot ontruymen ende achterlaten sal mogen, geen uytgeseyt, mits dat zij toecomende bruyt alleenlijck tot een legaet offte erkentenisse sal gehouden zijn uyt te keeren aen zijn bruydegoms erffgenamen ab intestato die daertoe bevonden sullen werden gerechticht te sijn, met hun allen tsaemen eens de somma van vijftich carolus gulden sonder meer, revocerende tot dien eynde hij bruydegom bij desen oock alle testamenten, codicillen, legaten, donatien ende alle andere dispositien van uyttersten wille die ter contrarie mochten gevonden werden, ende in cas zij toecomende bruyt eerst comt te sterven, mede zonder kint offte kinderen bij den anderen geprocreert achter te laten, soo is mede wel expresselijck geconditioneert dat in dien gevalle tusschen henluyden toecomende conthoralen geen gemeenschap van voors. ingebrachte goederen sijn en zal, maer dat elcx voors. ingebrachte goederen sullen moeten gaen ende keeren naer elcx zijde van waer die gecomen ende ingebracht sullen sijn, ende sal dan vorder winste ende verlies sijn halff ende halff ende sal erfenisse ende besterffenisse mede voor winst werden gereekent, doch zal in dien gevalle den bruydegom uytte gereetste goederen van de toecomende bruyt bij forma van legaet off andersints trecken, proffiteren ende verbetert sijn eens de somma van vijfftich gulden zonder meer, ende bij sooverre d'eerstoverlijdende comt te sterven, kint offdte kinderen bij den anderen geprocreert achter te laeten, in dien gevalle wilden zij comparanten wedersijts dat tusschen de voors. toecomende conthoralen gemeenschap van alle goederen zijn sal, sulcx dat den langstlevende mette kint offte kinderen zal deelen halff ende halff, nietjegenstaende eenige statuten offte ordonnantien desen ter contrarie mochten / disponeren , offte yetwes ter contarie mochte bevonden werden, waervan zijluyden comparanten wedersijts sijn renuntierende met belofften haer daermede niet in te zullen behelpen offte met eenige andere behulpen offten exceptien die henluyden daertegen te hulpe souden mogen comen, alsoo hen comparanten meyninge wedersijts es, dat alle de voors. pointen ende elck in het bysonder getrouwelijck naergecomen ende achtervolcht zullen werden, gelijck als zijluyden comparanten alle d'selve ende elck poinct vandien bij eer, trou ende vromicheyt oock getrouwelijck beloven naer te comen ende t'achtervolgen ende doen achtervolgen ende t'voors. houwelijck metten eersten te zullen doen solemniseren ende voltrecken, onder verbant van haer comparanten respective persoonen ende goederen, roerende ende onroerende, present ende toecomende, d'selve stellende ten bedwanck van allen heeren, hoven, rechten ende rechteren, versoeckende hiervan gemaeckt ende aen henluyden comparanten wederijsts gelevert te werden een offte meer instrumenten in forma. Aldus gedaen ende gepasseert binnen de voors. stadt Rotterdam ten tijde voors. ten comptoire mijns notary, ter presentie ende ten overstaen van Crijn Maertensz van Eyck ende Willem Cornelisz Sonnevelt, mijne clercquen als getuygen hiertoe gerequireert.
Bij mij Jackus Luidderts van Vreem X Dit merck is gestelt bij Martijntje Jans voornt. Jan Jacobs X Dit is t'merck van Willemtgen Willems voornt. Krijn Maertens van Eyck Willem Cornelisz Sonnevelt.