Eerst een tweetal transcripties die ik gekregen heb:
ona Utrecht U049a004 akte 81 d.d. 20-11-1692: Mechtelt Sweers van Bylevelt, won. aen de Meern onder den gerechte van den ouden Rhyn, wed. en boedelharster van Dirck Evertsz van der Louw, ter eenre en Jan Cornelisz van Maersen, won. tot Maersen, als oom en Jan Pauwelsz, won. aen de Meern, als neve en mombers over Sweer [gedoopt 04-02-1679 Oud-Katholieke Clerezij Utrecht] , Evertgen [gedoopt 20-03-1683, idem], Maria en Annichien Dircks van der Lauw, onmundige naergelaten kinderen van den voorsz. Dirck Evertsz van der Louw sa., by hem aen de voorsz. Mechtelt Sweeren van Bylevelt verweckt, t.a.s. verclaerden naer voorgaende visie, lecturie en ondersoeck van de staet en inventaris by deselve Mechtelt Sweers van Bylevelt van haer en haer voorsz. overleden mans boedel doen maecken en naerdien daer op een sommiren staet en balance was gemaeckt by forme van maechgescheyt ofte uytcoope overcomen en geaccordeert te syn bin manieren hier naer volgende, te weten dat de voorn. Mechtelt Sweeren van Bylevelt volcomen eygendom sall hebben en behouden alle de goederen des voorsz. boedels breder op der selven inventaris gespecificeert (uytgesondert de obligatie van 50 gld. capitael, houdende tot laste van Jan Jansz Hollaer, won. tot Achthoven, met de verschene renten van dien, die tusschen haer en haere voorsz. kinderen sall syn en blyven gemeen, en ’t gene daervan sall comen by heurl. ieder voor de helfte, sall worden genoten en geprofiteert) des deselve weduwe daer jegens wederom alleen en int geheel sall hebben rw lasten en voldoen alle de lasten, schulden en dootschulden des boedels voorsz., en daervan haere voorn. kinderen cum effectu te bevryden, indemneren, mitsgaders costende schadeloos te houden, en dat sy daerenboven aen de selve haere vier kinderen als sy tot haeren mundigen daegen sullen syn gecomen ofte haer andersints met moeders en momboiren raedt in den heyligen echten staet sullen hebben begeven, gehouden sall syn te voldoen en betaelen in volle voldoeninge van alles goets, erffenis en besterffenis haer in enigerhande manieren door overlyden van haeren voorn. vader sa. aengecomen en aenbestorven de somme van 120 gld., maeckende voor ieder van dien 30 gld. […].
ona Utrecht U112a001 akte 305d.d. 1-6-1700: Paulus Jansz Hollaer, won. op Alendorp onder den Gerechte van Vleuten, en Jan Goijerden Spijck, won. op Veldhuijsen, oudoom en oom, en alsulcx als naaste bloedvooghden over de twee nagelate onmundige kinderen van za. Mechteld Sweeren van Bijleveld, aan de selve verweckt bij Dirck Evertsz van der Lauw, haer eerste man za., met namen Evertie en Annichie Dircks van der Lauw, ter eenre en Hendrick Claesz van Dijck, weduwenaar en boedelharder van de vsz. Mechteld Sweeren van Bijleveld, t.a.z. verklaerden de eerste comparanten, hoe dat den tweeden comparant aen haerl. heeft gedaan pertinente openinge van den boedel van hem en sijn voornoemde huijsvrouwe za., bestaende in vier koeijen, een veers, een pinck, drie paerden, een partije heij, duertvelt eenich brandhout, twee wagens, een kruijwagen, twee egden, een p..ch, eenich koorn te velde gebracht, wat huijsraad, provisie van vlees en speck, mitsgaders een huijsinge en schuur, item aen gereeden gelde een somme van 100 gld., en dat sijluijden alle de vsz. goederen ten overstaan van goede vrienden van stuck tot stuck hadden geprijseert en bevonden samen waardich geweest te sijn, het gereede gelde mede gereeckent eenen somme van 1092 gld., daerentegen bij den tweeden comparant sijn voldaan de doodschulden, en noch te voldoen staen de naavolgende schulden, te weeten ter sake van verschenen lanthuur 390 gld., ongelden 49 gld. 7 st., en dan noch aen de smith, rademaker, schoenmaker ontrent de somme van 12 gld., en de comparanten genegen wesende den vsz. boedel te liquideren en te scheijden en dienaangaande gehad hebbende verscheijden conferentien en deliberatien, mit den anderen versproocken, overkomen en geaccordeert te sijn bij forme van wtkoop in plaets van scheijdinge in manieren als volcht, te weeten dat den voornoemden Hendrick Claesz van Dijck sal hebben, behouden en genieten in volkomen eijgendom alle de voorsz. goederen, niets daervan uijtgesondert, daerentegen hij oock alleen lasten en voldoen sal alle de vsz. boedels schulden, mede geen uijtgesondert, en daerenboven aen de voorn. Evertie en Annichie Dircks van der Lauw of wel de eerste comparanten in haere vsz. qualite, voor d’erffenisse en besterffenisse van der onmundigen moeder za. vrij buijten de doodschulden als anders, belooft te sullen voldoen voor Corsmis naastkomende een somme van 200 gld., mitsgaders dat hij tweede comparant gehouden blijft de voorn. Annichie Dircks van der Lauw t’sijnen costen t’onderhouden in cost, dranck, klederen en havenisse, sodanig als een vader aen sijn eijgen kinderen schuldig is te doen, mitsgaders bij de wintertijd ter schoole te laten leeren lesen en schrijven, voor den tijd van noch ses jaren, profiterende middelerwijlen van haren dienst, gelijck een kindt in sijn ouders huijs schuldigh is te doen, en off quame te gebuuren dat den tweeden comparant binnen den selven tijd van ses jaren aflijvich wert, soo sullen sijne erfgenamen in die opvoedinge en onderhoudinge ten uijteijnde van de vsz. ses jaren gehouden wesen of in plaetse van dien aenstonts naar het overlijden van hem comparant wt sijne gereetste goederen moeten voldoen ten behoeve van de onmundigens een somme van 200 gld. en dat tot keure van sijne weduwe of erfgenamen en de voorn. Annichie Dircks van der Lauw overlijdende binnen de vsz. gestipuleerde ses jaren sal haer afgestorven lichaam ter aarden gebracht werden ten laste van den tweede comparant, dan sal van hare naalatenschap werden bekosticht het bier ten tijde van de begraefenisse te schencken, voor alle het welcke des boedels goederen legaliter sullen sijn en blijven verbonden, belovende de comparanten den anderen, ijder in sijn regard, alle het geene vsz. te sullen voldoen, naakomen en achtervolgen, onder verband en submissie als nae rechten, versoeckende hiervan acte, die is dese. Aldus gedaen en gepasseert binnen Utrecht ten overstaen van Johannes Guthrie en Baernt van Rauwenhorst als getuijgen op date als boven.
In de eerste akte is sprake van 4 onmondige kinderen (1692) en in de tweede akte van 2 onmondige kinderen (1700). Waarschijnlijk zijn 2 kinderen inmiddels overleden. Uit de formulering kun je afleiden dat Dirck Everts bij Mechteld Sweeren vier kinderen heeft gehad.
Als je daarbij ook betrekt (zie bijdrage van Egmond) dat zoon Gijsbert Dircks van der Louw in 1692 trouwt is de vraag gewettigd of het huwelijk van Dirck Everts x Mechteld Sweeren niet zijn tweede huwelijk is geweest!
Zijn 1e huwelijk zou dan met een Elisabeth N.N. geweest kunnen zijn.
Zo heeft dochter Annigje (uit de aktes van 1692/1700) x Cornelis Jans van Schalckwijck haar moeder vernoemd maar dochter Jannigje niet:
Evert Stevensz Pauw, woont te Werkhoven tr. Jannigje Dircks van der Louw
kinderen (allen R-K gedoopt in Werkhoven):
a.Dirrick, ged. 19-10-1705, get. Gerritje Huberts
b.Elisabeth, ged. 1-3-1707, get. Geertien
c.Joanna, ged. 22-10-1708, get. Agthien
d.Joannes, ged. 7-8-1712, get. Gertie, Peter Derixsen [broer van Jannigje)
e.Gijsbertus, ged., get. Cornelia Paulus
f.Wilhelmus, ged. 7-12-1716, get. Aefien Hendricks
g.Cornelia, ged. 5-3-1719, get. Aefien Hendricks
h.Cornelius, ged. 17-4-1721, get. Agatha Hendricks
i.Joannes, ged. 20-4-1723, get. geen, ov. dezelfde dag