Ik ken alleen braak land in de betekenis van onbebouwd land [braak liggend]. Zie ook Wikipedia.nl
De term braak stamt uit de landbouw-praktijk. Onder het braak laten liggen van grond verstond men oorspronkelijk dat men de grond gedurende enige tijd onbezaaid liet, maar wel actief bewerkte. Gedurende deze braakperiode van doorgaans één jaar werd het bouwland een aantal malen geploegd ('gebroken') en geëgd. Een dergelijke behandeling werd nodig geacht omdat bodemkundige processen en de wortelgroei van de vegetatie de grond te veel hadden verdicht. Het breken van de toplaag, deze 'braak', was een zwaar en intensief karwei wat tot doel had de grond losser te maken. Zo werd de mineralisatie gestimuleerd en daarmee de vruchtbaarheid van de grond verhoogd. Ook hoopte men zo het onkruid te bestrijden. Bij de opkomst van het drieslagstelsel – een vorm van vruchtwisseling – in de 9e eeuw ontstond de gewoonte om periodiek grond braak te laten liggen: graan inzaaien vond niet plaats in het laatste jaar van een driejarige cyclus. Braak liggen kreeg een meer passieve betekenis en de term breidde zich uit van het breken zelf naar het "gebroken laten liggen". Hieruit is de tegenwoordige, iets ruimere betekenis van braakliggen ontstaan.
Toch is de oude, actieve betekenis nooit helemaal verdwenen. Zo schrijft de 17e-eeuwse Statenvertaling van de Bijbel: Want zo zegt de Heere tot de mannen van Juda, en tot Jeruzalem: Braakt ulieden een braakland, en zaait niet onder de doornen.[1] Deze tekst duidt niet op een toestand, maar op een handeling: het vrijmaken van wild of verwilderd terrein. In hedendaagse taal wordt het woord breken in deze zin gebruikt, vooral bij grasland. Daar is de bovenlaag, de graszode, bijzonder moeilijk kapot te krijgen en men spreekt nog altijd van het breken van de toplaag of de graszode.
De verschillende betekenissen geven alle aan, dat braakland gebied is dat bedoeld is voor menselijke activiteiten. Land waar geen bemoeienis mee is en waar geen exploitatieplannen voor zijn, wordt gewoonlijk niet als braakland, maar als wildernis of woeste grond aangeduid. Vroeger was het onderscheid tussen bouwland en woeste grond overigens niet altijd scherp. In Drenthe was het bijvoorbeeld in de achttiende eeuw niet zeldzaam dat delen van de essen langere tijd niet als bouwland in gebruik waren, maar onbezaaid bleven.