beste forumgenoten
Op 17-11-1648 (nee, 17-05-1648) verkopen de erfgenamen van het echtpaar Pieter Jansz en Geertge Warboutsdr een huis op Noordwijk aan Zee (origineel hier). Voor Pieter was het zijn 2e huwelijk, hij had kinderen uit zijn eerste. Geertge was 3x getrouwd, ook kinderen uit haar 1e huwelijk maar die waren allemaal al gestorven. Normaal gesproken, als ze het huis gezamenlijk bezaten, ging de helft naar zijn erfgenamen (altijd zijn kinderen) en de helft naar die van haar (in dit geval haar broers, dan wel hun kinderen).
Die worden ook allemaal genoemd in de akte, alleen kom ik niet uit de verdeling. Eerst worden genoemd Geertges erfgenamen, die samen 3/12e hebben. Dan twee kinderen van Pieter, die samen 4/12e hebben. En samen verkopen ze die 7/12e delen aan een Cornelis Pietersz, die al 5/12e bezat.
Nu is 3/12e eigenlijk gewoon een kwart, en Geertges erfgenamen zouden eigenlijk de helft moeten hebben. Ze hadden kennelijk maar de helft van de helft. Pieters twee kinderen hadden 4/12e maar als we aannemen dat Cornelis ook een zoon van hem was (hij had inderdaad een Cornelis) dan had die ook 2/12e, dus met zijn drieën 6/12e = de helft. Dat zou mooi kloppen. Cornelis at dan van twee walletjes, erfgenaam van zowel Pieter als van Geertge. Maar dat zou betekenen dat hij van haar 3/12e had, evenveel als de broers van Geertge. En dat snap ik niet.
Een richting waarin het gezocht zou kunnen worden, is dat het huis afkomstig was van Geertges tweede man, Adriaen Adriaensz. Als die geen verwanten meer had, zou het huis na zijn overlijden helemaal naar Geertge zijn gegaan. Maar hij kan ook wel broers of zussen, of kinderen uit een eerder huwelijk hebben gehad. Dan wordt het beeld anders, want dan erfde Geertge de helft, en zijn verwanten de andere helft. Waardoor Geertge samen met Pieter alleen maar de helft van het huis bezeten kan hebben, en Geertges broers inderdaad maar een kwart erfden. Maar dan kunnen Pieters kinderen niet een helft hebben en zouden ze ook een kwart moeten hebben.
Wie helpt? Haal je wiskundeknobbel tevoorschijn en bedenk de derde mogelijkheid die alles oplost.
groeten, Frans