Transcriptie.
-------------
[Folio 194 verso]
[In de marge] Opget. Transport van Erffenisse tot Couwelil gelegen.
Wij, Pouwels Claesz de Cleijne, Schout inde banne van Stompwijck, Claes Arentsz Uijttenbent, ende Hendircxz Nieuwenbrouck Schepenen aldaer, oirconden ende kennen dat voor ons gecomen ende gecompareert es, Arien Huijbertsz Winter, geboortig van Couwelil, gelegen Int' Lant van Luijck, jegenwoordich woonachtich inde heerlicheijt van Veur, omtrent den Leijtschendam, dewelcke verclaerde, voor hem, sijne erven ende nacomelingen, vercoft te hebben, gelijck hij vercoopt bij desen, aen ende ten behouve van Dirck HuijbertszWinter sijne broeder woonende tot Couwelil voorsz[egd] alle het recht, actie ende aenseggen, als hem comparant voor sijne portie, gecompeteert heeft, op alle soodanige goederen, 't sij van lant, sant, huijs ende hoff(?) gelegen tot Couwelil voorseijt, aende Wintersdijck aldaer, mitsgaders alle andre goederen, als hem bij doode ende overlijden van Joosgen Pietersdr. sijne Sa:[liger] moeder, ende van Sa:[liger] Pieter Winters sijn grootvader van 's moeders sijde, respectievelick eenichsints op besterven sijn, ofte als hem comp[aran]t noch, in tijden ende wijle, bij doode ende overlijden, van Huijbert Winters sijne vader, op sterven ende dienvolgende competeren sullen, Consenterende derhalve, dat de voorsz Dirck Huijbertsz de voorsz goederen, soo die geene, die hem
[folio 195 recto]
comp[aran]t alreede voor sijne portie, van sijne voorn[oemd]e moeder, ende grootvader op bestorven sijn, als die hem voor sijne portie [tussengevoegd: bij overlijden van sijne voorn[oemd]e moeder/vaeder(??), op sterven sullen voor sijne vrije eijgen sal moge aenvaerden, blijven besitten ende possideren, in sulcker vougen, ofte hij comp[aran]t het selffs ware, Beloovende den selven oock inde voorsz possessie, ende besittinge nimmer meer te sullen turberen[?] ofte eenichsints lastich te vallen, nochte oock gedoogen, dat sulcx van sijnentwegen gedaen sal werden, directelick nochte indirectelick, in rechten, nochte daer buijten, in geene manieren, Onder generael verbant, van alle sijn comp[aran]ts goederen, roerende ende onroerende, present ende toecomende, e[n]geen uijtgesondert nochte buijten gehouden, alles ten bedwange ende executie, van allen s heeren rechten ende rechteren mitte costen, Verclarende voorts hij comp[aran]t te constitueren ende volmachtich te maecken, gelijck hij doet bij desen, Anthonis Geerkens, Schepen tot Couwelil voorsz, Specialick om uijt sijn comp[aran]ts name ende van sijnentwegen, te compareren voor justitie van Pelt, ofte daer sulcx anders behooren sal, ende aldaer conform de voorseijde vercoopinge wettelijck opdracht ende cessie sijner vercofte kintsgedeelte hier vooren gementioneert, ten behouve
[folio 195 verso]
van den voorsz Dirck Winters te doen, alles in sulcker vougen, als de costume dier plaetse vereijsschen sal, ter saeck der selver transporte ende cessie, van sijnentwegen, bekennen ten volle voldaen ende betaelt te sijn mette somme van hondertthien guldens Hollants gelt, bij hem comp[aran]t al ontfangen, ende voorts alles in deselve saecke te doen ende verrichten, wes hij comp[aran]t selffs present sijnde, soude cunnen ende mogen doen, Beloovende hij comp[aran]t voor goet, vast ende van waerden, te sullen houden, ende doen houden, alles wes bijden voon[oemd]egeconstitueerden noopende de voorsz cessie ende transporte, gedaen, ende verricht sal werden, Onder verbant als naer rechten, alles sonder arch ofte list, T oirconde heb ick Schout voorsz dezsen ten verlijde van de voorn[oemd]e comp[aran]t, mittet segel ter saecken der voorsz Banne verordent, op t' spatium hier neffens opgedruct, bevesticht, ende voorts neffens de voorsz Schepen soo desen als ten registre elcx geteijckent, Opten IX-en maij anno XVIc achtenveertich
[ondertekeningen]