Dag Jasperarend,
Ik ben het niet met je eens dat autosomaal DNA-onderzoek alleen geschikt zou zijn voor onderzoek naar erfelijke ziekten. Daarvoor kan het in sommige gevallen óók voor gebruikt worden, maar voor verwantschappen die niet in rechte mannelijke of rechte vrouwelijke lijn lopen, is dit de enige DNA-onderzoeksmethode. Het is zondermeer lastig om verwantschap te bepalen uit de autosomale testresultaten -een vak apart, zou ik zeggen- en je hebt veel testresultaten van verschillende personen nodig om tot een zinnige conclusie te komen. Maar, juist voor verwantschapsvragen in de recente geschiedenis (tot circa 200 jaar terug in de tijd) is dit de enige methode.
Met Y-chromosoom DNA onderzoek kun je tegenwoordig ook al verwantschappen bepalen die tot hooguit 300 jaar teruggaan. Meer recente relaties kun je daar niet mee vaststellen. Anders dat twee personen dezelfde mutatie in hun Y-chromosoom bezitten en dus wel familie van elkaar moeten zijn in mannelijke lijn. Maar hoe precies kun je daar niet uit afleiden.
Mogelijk dat er in de naaste toekomst nog verfijningen komen in het bepalen van Y-chromosoom mutaties, die de grens nog iets verschuiven richting het heden. Dit is alleen mogelijk indien de databases waartegen vergeleken wordt groter worden en meer divers.
Een punt waar geen enkel testbedrijf over schrijft, maar wat volgens een mij een serieuze bedenking opwerpt, is dat met het groter worden van deze commerciële databases de indinviduele privacy van burgers steeds meer in het gedrang komt. Ten slotte, wanneer iemand zijn DNA-gegevens publiceert in een database, doet hij of zij dat impliciet ook voor zijn of haar naaste familieleden. Of die dat nu leuk vinden of niet.
En, via deze DNA-gegevens zijn familierelaties te reconstrueren op een schaal die wij als eindgebruikers van deze databases niet voor mogelijk houden. Maar, toegegeven, dat is een hele andere discussie.
Michaël