stamboomforum

Forum logoRechtspraak, notariaat, wetgeving » Vanaf wanneer rechterlijke veroordelingen Ommerschans en Veenhuizen?



Profiel afbeelding

Beste mensen,

 

Bedelaars werden heropgevoed in de gestichten Ommerschans (vanaf september 1822) en Veenhuizen (vanaf juni 1825). In een Koninklijk Besluit van 6 november 1822 staat dat 'het hoofd des bestuurders van de plaats' waar gebedeld wordt, bepaalt of iemand een bedelaar is of niet. Dat leidde tot willekeur - als je gezicht de schout niet aanstond, kon je zomaar ineens in het gesticht zitten - en daarom was er vanaf een gegeven moment een rechterlijke veroordeling nodig om naar het bedelaarsgesticht gestuurd te worden.

Ik ben op zoek naar dat 'gegeven moment' en ik kan het totnutoe niet vinden. Als iemand het zo weet, is dat geweldig, maar anders wil ik mensen die wel eens in een archief een rechterlijke veroordeling wegens bedelarij of landloperij hebben gevonden, vragen om mij te melden op welke datum die veroordeling was. Dan kan ik wat exacter gaan zoeken naar het koninklijk besluit of de wet die dat verplicht stelt.

Bij voorbaat dank voor de hulp,

Met vriendelijke groet,

Wil Schackmann

Wil Schackmann - 17 sep 2010 - 17:17

@ Wil,

Ik heb een vrij late veroordeling; in 1899 veroordeelt door de rechtbank in Utrecht

Dezelfde persoon heb ik later terug gevonden in een artikel (met voetnoten) uit de Brabantse Leeuw getiteld :

"Lieden zonder eergevoel" geschreven door L.F.W. Adriaenssen en J>G.N.M. van der Zanden.

Het artikel is  te downloaden

http://www.thuisinbrabant.nl/object?id=ccBrabant_deBrabantseLeeuw_4861

De site waar dit artikel staat  heeft nog enige andere verwijzingen naar landlopers, welke misschien ook interessant kunnen zijn

http://www.thuisinbrabant.nl/zoeken?q=landlopers

mvg-Ben

Ben Wegman - 17 sep 2010 - 18:26

Dank je wel voor je reactie, Ben.

Ik denk dat dit na de invoering van het Wetboek van Strafrecht is, ik weet het preciese jaartal niet meer maar ik dacht 1886 ergens dat dat ingevoerd werd, en dan is er een nieuwe situatie. Ik hoop dat er nog een eerdere melding komt want ik kan me toch niet voorstellen dat er bijna de hele eeuw zonder proces bedelaars veroordeeld zijn. Mooie koppen staan er bij die link!!! Ik vraag me af of ze inderdaad - want dat was toen de bedoeling - aan die schedelvorm konden zien of ze voor misdaad in de wieg waren gelegd...

Mvrgr, Wil Schackmann

Wil Schackmann - 17 sep 2010 - 18:51

Inderdaad wordt in het betreffende artikel ook het jaartal 1886 gesteld. (pagina 70). Helaas zonder bronvermelding.

Bij de inschrijving in 1899 zijn de boeken al ingericht met kolommem voor bv

  • dagtekening onherroepelijk geworden veroordeling
  • opgelegde straf

Die was beslist niet gering. 3 dagen hechtenis en 3 jaar "opsluiting Veenhuizen". En daar hoefde je geen recidivist voor te zijn. En op het spoor gezet door Suzanne Jansens "pauperparadijs" heb ik bij de papieren in Utrecht van het kantongerecht ook maar gekeken of er meer landlopers werden veroordeeeld diezelfde dag. En inderdaad 5 mensen op één dag voor een aantal dagen cel en 3 jaar opsluiting.

Succes met je verdere onderzoek.

Ben Wegman - 17 sep 2010 - 19:36

Voorvader Hendrik Jongkoen (Gouda 1797 - Gouda 1856) is te Rotterdam als Hendrik Jonkoen (nr. 3601) oud 50 jaren pijpmaker te Gouda voor bedelarij door de Arrondissementsrechtbank op 21 januari 1847 veroordeeld tot 8 dagen gevangenis met opzending. Die dag verschenen er 10 personen i.v.m. bedelarij voor de rechtbank, 6 hiervan kregen dezelfde straf, 1 kreeg 3 maanden en 2 werden vrijgesproken. Op 9 maart 1847 is hij aangekomen in Ommerschans en op 1 april 1850 is hij daaruit (ingevolge het besluit van de Gouverneur van de Provincie Zuid-Holland d.d. 4 maart 1850) ontslagen.

Op 5 februari 1847 is hij ingekomen bij het Bedelaars Depôt te Rotterdam (vanuit Huis van Arrest) en op 7 maart 1847 (met 39 andere personen) opgezonden naar de Colonie Ommerschans. Als inleiding op zijn siglament/inlichtingen aldaar zijn 2 van de 3 mogelijkheden voor opname doorgehaald en blijft de 1e staan:

1. Artikel 274 van het Wetboek van strafregt.

2. Bevoegdheid, vermeldt in artikel 3 van Z.M. besluit d.d. 12 Oktober 1825, no. 175.

3. Zonder te hebben gebedeld, zich vrijwillig ter opzending hebben aangeboden.

N.B.: Ik ga er vanuit dat in deze periode de functie van schout al decennia niet meer bestond.

Martin Jongkoen - 18 sep 2010 - 14:22

Beste Martin Jongkoen,

 

Hartelijk dank voor je reactie.

 

Ik ben hiermee al teruggeploegd tot 1847!

 

Het genoemde koninklijk besluit van 12 oktober 1825 No 175 moet ik 'ergens' tussen mijn ongetranscribeerde foto's wel hebben. Vast wel doorgekeken maar wat er in artikel 3 staat weet ik zo niet, maar ik ga zoeken.

 

Dat met die schouten is ook wel interessant. Per 1825 kom ik ze in correspondentie nog tegen, maar ik zou niet weten wanneer de functie definitief verdwenen is.

 

Nogmaals dank en vriendelijke groet,

Wil Schackmann

 

Wil Schackmann - 18 sep 2010 - 16:27

Voor de provincie Noord-Brabant gold sinds 1825 het "Reglement op het bestuur ten platten lande, in de provincie Noord-Braband" (vastgesteld bij K.B. van 23 juli 1825 no. 132). Het bestuur was volgens dit reglement in iedere plattelandsgemeente samengesteld uit een burgemeester (de benaming 'schout' verviel), twee assessoren en een gemeenteraad. (Waarschijnlijk waren er voor de andere provincies dergelijke reglementen). De schout was dus benaming voor de functionaris, die later 'burgemeester' werd genoemd. Dit geldt natuurlijk alleen voor ca 1814-1825. De schout in het Ancien Régime had andere taken.

Ik heb deze informatie indertijd ook uit: M.J.A.V. Kocken, Van stads- en plattelandsbestuur naar gemeentebestuur; proeve van een geschiedenis van ontstaan en ontwikkeling van het nederlandse gemeentebestuur tot en met de Gemeentewet van 1851 (z.pl. 1973).

In dit boek is waarschijnlijk e.e.a. uitgebreider te vinden.

Michiel - 18 sep 2010 - 17:17

Dankjewel, Michiel. Dan is de schoutenkwestie uit de wereld en waren de schouten in de loop van 1825 de wereld uit. Ik zag dat die van Vledder ook in 1825 van schulte tot burgemeester werd, dus ik denk dat je gelijk hebt en het toen voor het hele land zo geregeld werd.

 

 

Wat de noodzaak van veroordeling tot de Ommerschans betreft, geloof ik dat ik begin te begrijpen hoe het zit.

 

Volgens het hierboven door Martin Jongkoen gegeven lijstje (dank, dank) zijn er in 1847 drie mogelijkheden om in het gesticht te komen. Mogelijkheid 3, als vrijwilliger zonder gebedeld te hebben, spreekt voor zich.

 

Mogelijkheid 1 zal zijn het Lijfstraffelijk Wetboek oftewel het Crimineele wetboek oftewel de aan Nederland aangepaste Code Penal van Napoleon, want daar gaat artikel 274 inderdaad over bedelarij, dus dat is na een veroordeling door de rechter.

 

Maar door mogelijkheid 2 blijkt zo' n veroordeling ook in 1847 nog niet noodzakelijk. Ik heb het nu bekeken en dat artikel 3 van het KB van 12-10-1825 geeft een 'voorwerp' dat voor bedelarij is aangehouden, de ' bevoegdheid' om zich meteen naar een werkhuis of bedelaarsgesticht te laten overbrengen. Zonder langs de rechter te gaan dus zonder rechterlijke veroordeling.

 

 

Dat maakt tot in ieder geval 1847 willekeur toch mogelijk. Verhalen van mensen dat ze nooit gebedeld hebben en alleen maar in de Ommerschans zitten omdat een plaatselijke authoriteit de pik op ze heeft, zouden dus soms best waar kunnen zijn.

 

Ik blijf geìnteresserd in gevonden veroordelingen. En ik zal het archief weer eens induiken om te kijken of er veel mensen via de bovengenoemde ´bevoegdheid´ in de Ommerschans zaten.

Wil Schackmann - 18 sep 2010 - 17:43

Vraag me af of je via archiefonderzoek wel gemakkelijk inzicht kunt krijgen in het gebruik van de bevoegdheid op grond van artikel 3 van het KB van 12-10-1825.

Over de schout vermeldt wikipedia ondermeer:

In de achttiende eeuw veranderde de naam schout in drossaard. Na de instelling van de gemeenten onder Napoleon in Nederland in 1811 werd de naam 'maire' ingevoerd voor burgemeester, die in 1814 werd gewijzigd in burgemeester, in 1817 in schout en in 1825 definitief (per Koninklijk Besluit) naar burgemeester. http://nl.wikipedia.org/wiki/Schout

Martin Jongkoen - 18 sep 2010 - 21:03

Beste Martin Jongkoen,

 

Zou je mij door kunnen geven waar je dat lijstje met drie mogelijkheden precies hebt gevonden?

Ik stelde mij voor in die inschrijfregisters te kijken hoe vaak mogelijkheid 2 voorkwam, en of dat te koppelen viel aan de brieven van Ommerschansbewoners die beweren er schuldeloos te zitten.

Maar als je een betere suggestie hebt, hou ik mij zeer aanbevolen.

 

 

Over die schouten. Ja, wiki kan dat best zeggen, maar in het archief van de Maatschappij van Weldadigheid tref ik tussen 1818 en 1825 tientallen brieven van mensen die zich schout noemen. Van eentje heb ik nog een verhaaltje gemaakt, zie

www.schackmann.nl/proefkolonie/Archief/182402KoogaandeZaan.html

Als ze zich anders hadden moeten noemen, is ze dat blijkbaar geheel ontgaan. Maar ik zou deze zij-discussie graag willen sluiten, als je dat goed vindt? Dat de concentratie op de rechtspraak rond Ommerschans blijft liggen.

 

Met vriendelijke groet,

Wil Schackmann

Wil Schackmann - 18 sep 2010 - 22:18

Via het Gouds NH-lidmatenboek liep ik tegen een aantal tijdelijke uitschrijvingen en herinschrijvingen voor mijn familie aan, die mij op het spoor zette van interessante achtergrondinformatie.  Daarmee kwam ik er ondermeer achter, dat mijn voorvader Hendrik Jongkoen (* Gouda 1797 + Gouda 1856) 3 jaren te Ommerschams verbleef.

Later kwam ik er achter, dat dit een kolonie van de Maatschappij van Weldadigheid betrof, met stukken in het Drents Archief. Helaas vond ik in dit archief slechts zijn inschrijving onder hoofdnummer 5585  op 9 maart 1847 vanuit Rotterdam.

Zoekend in het Rotterdams Gemeentearchief liep ik tegen 5 stukken aan:

1.       Namenlijst van veroordeelden (vonnis 21 januari 1847) bij de Arondissementsrechtbank te Rotterdam.

2.       Signalement/Inlichtingenlijst Bedelaarsdepôt 5 februari 1847 voor Hendrik Jonkoen met opzendingsdatum 7 maart 1847 en o.m. lengte, uiterlijke kenmerken, geboortegegevens, godsdienstige gezindheid, beroep en laatste werkgever opgemaakt op 6 februari 1847 door de conciërge van het depot. Het ingevulde standaardformulier vermeldt in de rechterkop de drie genoemde mogelijkheden voor opname.

3.       Opgave door conciërge van het depot aan B&W Rotterdam 6 februari 1847 van 7 op de vorige dag van het Huis van Arrest door het Bedelaarsdepot overgenomen personen.

4.       Opgave van transport van 40 bedelaars  op 7 maart 1847.

5.       Alfabetisch/Chronologische Namenlijst (met leeftijd/woonplaats) en Tijd (Dag) van verzending (7 maart 1847 voor Hendrik Jonkhoen).  Pagina met de letter J (w.o. I) loopt van 27 juni 1841 t/m 20 april 1858 en vermeldt 83 personen.

N.B.:  In het streekarchief te Gouda over opname, verblijf (w.o. declaraties voor kosten) en ontslag

          5 stukken aangetroffen. http://www.stamboomforum.nl/hulp/2/24746/0/bewoner_veenhuizen

Stukken 2 t/m 5 in de onderstaande  inventaris  2.1.2.5.2 aangetroffen en op fotokopie gezet. Slechts uit stuk nr. 2 is de basis voor opname te halen.

Toegangsnummer: 56
Archieftitel: Gemeentesecretarie Rotterdam afd. Armenzaken -> Armwezen en Volksgezondheid-> Sociale Belangen

2. Inventaris
2.1. Archief t/m 1917
2.1.2. Stukken betreffende bijzondere aangelegenheden
2.1.2.5. Bestrijding van bedelarij
2.1.2.5.2. Bedelaarsdepot te Rotterdam

  

Bedelaarsdepot te Rotterdam

   

Het depot was een doorgangshuis, waarin bedelaars op last van de commissaris van politie of na vonnis van de rechtbank werden geplaatst, en van waaruit ze naar de Kolonie van de Maatschappij van Weldadigheid te Ommerschans werden gezonden dan wel werden ontslagen. Transport naar Ommerschans vond vrijwillig plaats (preventie) of na uitgezeten straf in de arrondissementsgevangenis. Intussen verbleef men in het krankzinnigengesticht, tot in 1844 een speciaal depot voor bedelaars was ingericht

Martin Jongkoen - 19 sep 2010 - 21:03

Hartelijk dank!

 

Jammer voor mij dat het lijstje met drie mogelijkheden in Rotterdam is; ik had gehoopt dat het bij de Ommerschans-spullen was geweest, dan had het iets over het hele land gezegd.

 

Om wat terug te doen: mocht je in het Drents Archief in het archief van de Maatschappij van Weldadigheid (toegang 0186) nog een keer gaan kijken naar voorvader Hendrik, probeer dan ook invnr 1565 (met iedereen uit die periode die wegens iets lichamelijks niet de volle kost kan verdienen) en de concept- en definitieve ontslagvoordrachten uit die periode (1504 & 1489-1492). Als het goed is (maar het blijft een archief met lacunes) staan daarbij notities over zijn gedrag en vlijt in het gesticht en bovendien moet elke bedelaar die ontslagen wil worden een toekomstperspectief noemen.

 

Ik ben benieuwd of meer mensen veroordelingen hebben gevonden.

Wil Schackmann - 20 sep 2010 - 09:45

Weet niet meer waar ik het gevonden heb, maar een van mijn voorouders is ook veroordeeld tot de Ommerschans. Dit gebeurde destijds volgens mij nog door de zgn. wijkopzichters, welke misstanden aan de leiding van de Kolonie doorgaven.

In dit geval ging het om een geval van heropvoeding ivm onzedelijk handelen in de kolonie.

groetjes Theo

T. Boers - 20 sep 2010 - 13:09

Beste Theo Boers,

 

Bedankt voor uw reactie. Ik heb even bij uw profiel gekeken, en ik zie de naam Beun, dus ik neem aan dat het gaat om Isaac Beun wegens het bezwangeren (en niet voor de eerste keer) van Francina Catharina Puper?

 

Het ligt wel ietsje anders, op twee manieren:

- iedereen die al in de kolonie woont, ook de vrije kolonie, heeft zich er contractueel toe verplicht zich te onderwerpen aan de Raad van Policie in de kolonie, dus dan is er geen rechter nodig.

- veroordeelde kolonisten kwamen niet in het bedelaarsgesticht (het hoofdgebouw), maar in de op de wallen van de vesting gelegen strafkolonie.

 

Als u het trouwens leuk vindt een fotootje te hebben van het proces verbaal waarbij Isaac veroordeeld wordt, moet u mij even op wil-apestaartje-schackmann.nl schrijven, dan stuur ik het.

 

Overigens zat er vanaf 1824 ook een 'Boers' op de Ommerschans, maar dat was de kapelaan ter plekke Arnoldus Boers, dus dat kan onmogelijk een voorvader van u geweest zijn (als die zich tenminste aan het celibaat gehouden heeft).

Wil Schackmann - 20 sep 2010 - 17:39


beste heer schackmann,

dit is idd een van de voorouders die daardoor te ommerschans belandde.

groetjes Theo

T. Boers - 20 sep 2010 - 18:08







Plaats een reactie

Om reacties (en nieuwe onderwerpen) te plaatsen op het Stamboom Forum dient u eerst in te loggen! Nog geen lid? Registratie is gratis en snel!


Inloggen Registreer nu